Posts tonen met het label mindset. Alle posts tonen
Posts tonen met het label mindset. Alle posts tonen

woensdag 13 november 2024

Fiddelminger



Op haar tenen loopt ze door de gymzaal. 

Staartenmiepje kan tellen als de beste, al in groep 1 telde ze met groot gemak van 30 terug naar 0. Maar in de gymzaal is ze voorzichtig. Op haar hoede voor de gevaren die er schuilen: wandrekken, banken om op te klauteren, voorbijsuizende ballen of zwaaiende touwen. Ze vertrouwt ze voor geen meter.

Met een onzeker glimlachje draait ze zich naar me om, een touw in de handen. Eigenlijk wil ze wel op de knoop, maar hoe? Het wandrek heeft ze even aangekeken, maar al snel concludeerde ze dat dat geen doen was. De sporten zitten veel te ver uit elkaar, veel te gevaarlijk.

Niet iedereen is het met haar eens. Veel kinderen zijn in no time boven, of tenminste, zover als ze mogen, tot het blauwe lintje. Sommigen willen nog wel hoger, maar dat mag niet. Tot het lintje, door het gat, hangen en op de dikke mat vallen. Anderen houden het bij de derde sport. Als je dan door het gat kruipt, kun je al meteen met je voeten bij de grond. Niet heel spannend, maar voor sommige kleuters uitdagend genoeg. Of je begint laag en gaat steeds een beetje hoger. Ieder zoekt zijn eigen grenzen op. 

Het is sowieso een sportief stelletje, ook op het schoolplein. Er wordt gerend, in het huisje geklommen, rondgefietst en gevoetbald. Bij het voetballen gaat het vandaag af en toe een beetje te ruig. Er wordt wat geduwd, getrokken en soms lopen de gemoederen wat op.

"Juhuf...." Met een verontwaardigd hoofd staat Blond Bonkie voor mijn neus. Er is iets gebeurd dat niet door de beugel kan, dat zie ik zo. "Juf! Energiebommetje steekt zijn fiddelminger op!" En hoewel ik eigenlijk moet delen in de verontwaardiging van Blond Bonkie, schiet ik in de lach, ik kan het niet helpen. 
Zelf hoort hij ook dat er iets mis ging. "Energiebommetje steekt zijn fiddelmi... Energiebommetje steekt zijn fiddel... Energiebommetje steekt zijn fiddelminger... " Hij probeert het echt, elke keer zelf ook in de lach schietend om hoe gek het klinkt, dan weer serieus overnieuw beginnend met de zin. Het komt er niet uit. Ik doe ondertussen nog wat vergeefse pogingen mijn lachbui onder controle te houden, mijn collega naast me brengt het er niet heel veel beter vanaf. 



Ik help hem uit de brand. "Middel...." en Blond Bonkie maakt het af: "...vinger". We zijn het er over eens: dat hoort niet zo, je middelvinger opsteken is echt niet netjes en ook niet lief. Blond Bonkie vertrekt weer richting het voetbalveld met de opdracht tegen Energiebommetje te zeggen dat je middelvinger opsteken echt niet mag, dat doen we hier op school niet. Even later wordt er weer gebroederlijk gevoetbald, verontwaardiging is niet zo lang houdbaar bij Blond Bonkie, een mooie eigenschap wel.


Staartenmiepje staat met het touw in haar hand. Het wandrek was haar wat te heftig, maar dit wil ze nou toch wel eens proberen. Je handen hoog aan het touw en sterke armen maken, dan trek je jezelf naar boven. Na een paar bijna gelukte pogingen... ja hoor daar zit ze. Zacht slingert ze heen en weer. 

Nog een keer: nu heeft ze 'm echt door. En wat ze al eerder had gemerkt met tellen, blijkt ineens ook bij gym te werken: oefenen helpt! En hoe meer je oefent, hoe leuker het wordt. Alle touwen gaat ze af. Niet veel later slingert ze met een brede lach op het touw met de hoogste knoop. 

Als ik haar 's middags weer aflever bij haar moeder kan ik het bijna zien: ze is gegroeid!




donderdag 21 september 2023

Leerkuil

1. Maak een tekening van jezelf,.
2. Zet je naam op je getekende buik. 
3. Knip jezelf uit.

De opdrachtkaart stond op de tafel toen ze de klas inkwamen, er lagen kleine papiertjes en er stonden potten met kleurpotloden. 

Als ik de klas binnenkom, zijn de meeste kinderen druk aan het tekenen, een paar kinderen lopen nog wat rond en een enkeling kijkt gefrustreerd naar zijn lege blaadje.

"Ik kan niet tekenen!" 

Het is niet de eerste keer dat ik deze zin hoor in mijn verdiepingsgroepen. Ik kan niet... en vul dan maar wat in. Ik kan niet tekenen staat met stip op 1.

"Kijk eens achterom." Achter in de klas hangen de twee robotjes uit het Werkboek Mindset: Fixie en Growie. "Is dit een uitspraak die bij Fixie past of een uitspraak die bij Growie past?"
"Bij Fixie...." 

Ja, bij Fixie. Fixie heeft een Fixed mindset, een vaste mindset. Hij doet graag dingen die hij al kan, want dan voelt hij zich lekker slim. Hij maakt liever geen fouten, en als je ergens hard voor moet oefenen, dan ben je er waarschijnlijk niet zo goed in. 
Zijn vriendje Growie heeft een growth mindset, een groeimindset. Hij houdt van uitdagingen, leert graag iets nieuws, weet dat fouten maken erbij hoort en is bereid hard voor te oefenen als hij iets nieuws leert.

Iedereen denkt soms als Fixie en soms als Growie, al wil niet iedereen toegeven dat hij een innerlijke Fixie heeft. Juist degenen met een knoeperd van een Fixed mindset roepen Growie hoog van de toren, Maar zeg nou zelf, het is toch heerlijk om iets te doen waar je heel goed in bent en dat voor jou lekker vanzelf gaat. Maar als je iets nieuws wil leren, is het wel handig om Growie in je achterhoofd te hebben. 
Als je meteen roept "Ik kan niet tekenen" en je gaat het niet eens proberen, dan komt er geen poppetje op papier. 


Alle poppetjes zijn getekend en iedereen heeft voor zichzelf een doel opgeschreven waar hij aan wil werken. Beter begrijpend lezen, een hockeytrucje, goed plannen, beter leren keepen, Spaans leren, het nieuwe liedje van pianoles of niet meer zo snel boos worden als ik verlies met een spelletje.

En wat ga je doen om dat doel te bereiken? Vooral veel oefenen, want dat werkt. Soms is het saai, maar je moet er wat voor over hebben om je doel te bereiken. Hulp vragen, de kunst afkijken van iemand die het al heel goed kan.

"Ik zat op keeperstraining, maar daar ben ik afgegaan, want ik vond al dat commentaar van de trainers irritant. Maar misschien wil ik er dan toch wel weer op...."

En dan de leerkuil. Als je iets nieuws leert, duikel je vaak de leerkuil in. En voor je aan de overkant bent en geleerd hebt wat je wil leren, moet je klimmen, soms een muurtje van angst en zenuwen over, doorzetten, hulp vragen misschien en vooral oefenen, heel veel oefenen. 

Waar sta of zit je in de leerkuil? Afgelopen week hebben alle kinderen zichzelf in de leerkuil gezet op de plek waar ze op dat moment stonden. Sommigen waren al een aardig eindje op weg, anderen duikelden net op de kop naar beneden.

Deze week hebben ze aan hun doel gewerkt. Of niet. En misschien zijn ze wel een stukje opgeschoven in de leerkuil. Wie dat van zichzelf vindt, mag zijn poppetje verzetten. Sommige kinderen waren het bestaan van het doel eigenlijk een beetje vergeten. Geeft niet, maar dan kom je niet vooruit. Veel kinderen schuiven toch wel een stukje op. En één jongen zet zichzelf een stukje terug, want hij blijkt aan zijn doel een grotere kluif te hebben dan hij had voorzien. Ook een mooi inzicht!

Als je aan het begin van de leerkuil staat en je kijkt over het randje, dan is dat heel erg eng! Want je weet dat je iets heel spannends gaat doen: Iets leren dat je nog niet kunt. En je weet dat je vaak gevoelens van frustratie tegen kunt komen en dat je soms wil opgeven. en dat je moet oefenen en keihard werken om er weer uit te komen. Het is dus eigenlijk superstoer als je wel die leerkuil induikt. 

Ik vertel de kinderen dat grote mensen dat ook nog steeds spannend vinden, die leerkuil, hartstikke handig als ze dat nu al leren dus. 
"Jij ook?" 
"Ja, ik ook. Ik moet een nieuw stuk leren op mijn cello. En ik vind het supermoeilijk. Afgelopen week was ik er nog niet aan begonnen en toen stond ik bovenaan bij de leerkuil en ik durfde eigenlijk niet naar beneden. Maar ik heb hulp gevraagd aan mijn cellojuf en nu sta ik hier: 
Ik wijs onderaan in de leerkuil. Helemaal beneden. Ik snap het stuk nu wel, maar ik kan het nog lang niet goed spelen. "En ik wil hier naartoe." Helemaal naar boven, bij dat vlaggetje. 
"En weten jullie wanneer ik daar wil zijn? Morgen."
Ik word ongelovig aangestaard. MORGEN?
"Is dat realistisch jongens?" Nee. dat is niet realistisch, dat moet ik toch wel snappen. Ja, ik snap het wel, maar ik wil het toch, want morgen is de orkestrepetitie.

"Vind jij dat dan ook eng?"
Best een stoere vraag eigenlijk. 
"Ehm, ja, dat vind ik hartstikke eng. Want ik zit vooraan en iedereen ziet het als ik het niet kan. En als ik aan het oefenen ben, en het lukt niet meteen, dan denk ik soms dat het nooit gaat lukken. Dus ik wil het eigenlijk nu kunnen. Maar ja, zo werkt het niet."

Af en toe gooi ik er zo'n persoonlijk verhaaltje tussendoor. Ik merk dat het werkt, dat het kinderen helpt om ook dichter bij zichzelf te durven komen.

Volgende week zal ik ze vertellen hoe het ging, bij de orkestrepetitie. Maar vanmiddag ben ik eerst nog even heel erg hard gaan oefenen.



maandag 8 juni 2020

DIe zag meneer Buijs niet aankomen

Een kasteel. Of een burcht. Of een paleis. Met daarvoor, daarin of daarop een prinses, eventueel een koning, maar het liefst een prinses. Met een kroon op het hoofd. Trouwens, de meisjes bij de huizen hadden vaak ook een kroontje op, of een feestmuts. En enorme handen, dat ook. 



Op de lagere school, en daarna, blonk ik uit in van alles, maar niet in tekenen. Zesjes, hooguit zevens voor de moeite kreeg ik als er een beoordeling aan gekoppeld moest worden.. Ik herinner me uit de brugklas een heidens karwei van een jungle in Oost-Indische inkt. Elk blaadje had een andere textuur en alles moest ingevuld worden met cirkeltjes, kriebeltjes, streepjes, stipjes, en dan moest je ook nog ergens de suggestie van een zonnestraal in verwerken.
De eindopdracht: juffertjes-in-het-groen

Man, wat deed ik mijn best, en eigenlijk was ik heus een beetje tevreden, tot ik de resultaten van anderen zag. Mijn werk zag er ineens knoeierig en lomp uit. Dat vond meneer Buijs, de excentrieke tekenleraar ook, al heeft hij het vast niet in die bewoordingen gezegd. Wel dat het nogal slordig was. Wist hij veel hoe ik gezwoegd had...





Hoewel ik tekenen als kind leuk vond, werd ik volwassen met het idee het niet te kunnen. En toch, toen we de afgelopen tijd veel thuis waren, iedereen hard aan het werk, en ik daar tussendoor scharrelend mezelf in de weg zat en ook iets "rustigs aan tafel" wilde doen, viel mijn keuze op een tekencursus. Het moest iets korts zijn, want de periode van thuisquarantaine zou immers niet superlang duren en iets dat ik echt wilde leren. Een cursus botanisch tekenen werd het, via de NTI. 

Eerst materiaal verkennen, grafietpotloden, kleurpotloden, aquarelverf. Meten hoe groot de bloem is, dat op papier zetten, precies werken.  Kleuren mengen, waar zit nou eigenlijk echt de schaduw, waar valt licht op? Blaadjes tekenen, bloemen tekenen, uitstapjes naar een ui, een appel, een mango. Het ging niet vanzelf, want een natuurtalent, dat ben ik niet. Maar er lukte steeds meer wel dan niet. Oefenen, oefenen, oefenen. En ik kreeg er steeds meer lol in.

Ik had al vlot door dat verf het niet was voor mij. Hartstikke leuk, maar wat een gedoe. Veel wachten, veel vlekken maken, knoeiboel. Geen progressie ook. Jammer van de gekochte verf, maar die doneer ik dan maar met liefde aan mijn creatieve dochter. 
Maar de kleurpotloden, die liggen me wel. Ik kan het gewoon. Vanochtend, op de dag dat we als school weer helemaal open mochten, kreeg ik de beoordeling van mijn eindopdracht, juffertjes-in-het-groen uit de tuin. Een 8,5! Met mooi commentaar. Goed gekeken, mooie details. Let nog even hier op, en daar op. Maar vooral: geweldig gedaan, en blijf tekenen! En stiekem denk ik: Ha meneer Buijs, die zag je niet aankomen!









dinsdag 22 oktober 2019

Een millimeter scheef

Het stomme is, ik had het al lang gezien. Natuurlijk, ik zat er met mijn neus bovenop, hoe zou ik het niet kunnen zien. En toch raakte het me meer dan ik leuk vind.

Het begon met een jurk die ik voor mezelf had genaaid, een lapje met bloemen en meesjes. Ik hou van meesjes. Er bleef nog een klein stukje over. Eerder bleef zo'n stukje liggen, soms jaren, en dan gooide ik het alsnog weg, want wat doe je er nog mee? Sinds een paar maanden gaan mijn kliekjes op aan kleine kledingstukken. Een klein jurkje, een klein truitje, een klein rokje, een klein broekje... en in dit geval... een klein vestje. Mijn Kliekjes gaan naar een winkel in de buurt die tweedehandskleding verkoopt. Al zijn deze kleren niet tweedehands, de stof is dat wel. Ik verspil minder, en iemand anders is weer blij met mijn kliekjes. Mijn eigen regel is dat ik niets nieuws koop. Alle materialen komen uit mijn voorraad. Garen, garneerstof, knoopjes, rits, alles.

Dit vestje was een spannend projectje. Ik wilde het patroon een beetje aanpassen, en mijn fixed mindset weet daar niet zo goed weg mee. Kan ik dit wel? Die rits... wordt dat wel netjes recht? Past de kleur er wel bij? Maar ja, deze lag er nog, en ik koop niets nieuws... En bovenaan... die kraag... ik wil dat eigenlijk anders doen dan het patroon aangeeft. Kan dat? Mag dat? En die zakken... ik kan ze er natuurlijk ook af laten... dan worden ze ook niet scheef.... Ik kan natuurlijk ook gewoon een simpel truitje maken…

Gelukkig heb ik niet alleen een fixed mindset, maar ook een growth mindset, en die riep het hardste deze keer en won de discussie. Het vestje was wel erg leuk, en dan kon ik de zakingangen misschien wel met boordstof afwerken, dat staat wel heel leuk, en dan ook de mouwen en de zoom...

En o, wat werd het een leuk vestje. De stof was geweldig voor dit model, precies zoals ik hoopte. De zakken waren maar ongeveer een millimeter scheef, de rits zat onderaan niet helemaal goed, en een andere kleur rits was misschien nog mooier geweest, maar de kraag was gelukt, het zag er, op die millimeter na, keurig uit, en wat pakten die boordjes leuk uit. Ik plaatste de foto op Facebook, op mijn eigen tijdlijn en in een naaigroep, en kreeg leuke reacties. Mensen die best snapten dat ik soms wilde dat ik nog een meisje met maar 92 had, of gewoon "mooi!"

En toen las ik, vlak voor het slapen gaan, nog even de reactie van een dame die ik niet kende

Het is niet netjes gelijk aan de zakken.

Alleen dat, meer niet. En ik wist het. Ik had het zelf ook al gezien immers. Waarom raakte die opmerking me dan zo? 

Ik beraadde me op een reactie. 

Het is ook niet netjes om ongevraagd dit soort commentaar te geven...  delete... Het is tenslotte internet, je weet dat er commentaar kan komen, toch?

Dank je voor je positieve bijdrage aan deze discussie...  delete... beetje sarcastisch, dat is niet hoe ik over wil komen.

Als je niets aardigs te zeggen hebt kun je ook  je mond houden... delete... beetje kinderachtig, hoewel ik het wel vind.

Dan is t maar te hopen dat er ouders zijn met een scheef kind die het wel willen kopen he?

Ik geef toe, die laatste is blijven staan. Ik had ook niet kunnen reageren. Als je niets aardigs te zeggen hebt kun je tenslotte ook je mond houden. Maar ook dat voelde niet helemaal goed. Alsof ik het niet gelezen had. En dat had ik wel, vlak voor het slapen gaan...

En het raakt. Een volgende keer kijk ik nog iets kritischer naar mijn eigen werk. Ga ik het wel of niet laten zien? Vind ik het goed genoeg voor de boze buitenwereld?
En ik besef nog eens te meer hoe belangrijk een positieve houding in mijn werk is. Hoe ik een kind kan laten groeien, maar ook laten krimpen met een simpele opmerking. Hoe ik het verschil kan maken door in plaats van strepen te zetten door mislukte letters een bloemetje te tekenen om de mooiste, en samen te kijken wat er dan zo mooi aan is. Door te vieren wat goed gaat. En door soms een millimeter scheef gewoon te negeren.

woensdag 3 oktober 2018

Een beetje jarig

Er zijn van die beslissingen die je neemt, en die verstrekkende gevolgen hebben. Levensveranderend kunnen ze zijn.
Een glaasje whisky aannemen bijvoorbeeld. Dat was met afstand de meest verstrekkende beslissing ooit. Zonder dat eerste glaasje whisky, in mei 1994, was ik nu niet al bijna 18 jaar getrouwd met de liefste en leukste man die ik me kan wensen.
Of je vakkenpakket, je studiekeuze, de keuze naar welke middelbare school je gaat... de keuzes waar onze kinderen midden in zitten. Leuke, maar behoorlijk omvattende keuzes zijn het. Want als je geen wiskunde B kiest, welke wegen sluit je dan af? En hoe definitief is dat? En wat als je uitgeloot wordt voor studie 1, wat is dan studie 2?

Vorig jaar nam ik ook zo'n beslissing. Ik besloot, na lang twijfelen, om op celloles te gaan. Vandaag precies een jaar geleden had ik mijn allereerste les. En dus ben ik, samen met de allerliefste cellojuf en innigste vriendin, vandaag een beetje jarig.
Een cello is een lekker instrument om mee te beginnen als je een beetje onzeker bent. Je kunt er achter wegkruipen tot je je stoer genoeg voelt om tevoorschijn te komen. En je kunt hem omarmen, koesteren. Een lief, warm, menselijk instrument,

Voor ik op les ging, had ik er geen idee van hoe groot deze beslissing eigenlijk was. Hoe bijzonder het is, om iets helemaal vanaf het begin te leren. Ja, tuurlijk, ik kon noten lezen, na jaren blokfluitles en nog veel meer jaren koorervaring. Maar een bassleutel maakt het dan ineens weer knap ingewikkeld. Waar de d zat, zit nu de f, en waar de f zat, zit nu de a. En waar bij een blokfluit de handen en vingers min of meer hetzelfde doen, doen nu beide handen iets volledig anders, en allebei verrekte moeilijk.

Alle vormen van mindset komen voorbij, na een jaar nog steeds. Van keihard vastgenagelde fixed mindset, dikke paniek bij iets nieuws, of nog erger, als iets na 2 of 3 of 4 keer oefenen niet lukt, en na heel veel vaker nog STEEDS niet. Via lachen om mijn eigen fouten, via vingers in de knoop, via links en rechts die niet tegelijk aangestuurd willen worden, via frustraties en niet opgeven, naar nog een keer proberen, eerst langzaam, eerst pizzicato, naar elke keer een stapje verder, naar vragen hoe ik iets moet oplossen, of aan de 'juf' of aan mijn zoon, mijn grote voorbeeld, naar een pokoneske groeimindset.

Na een jaar speel ik wat ik nooit verwacht had te kunnen spelen, en zeker niet al na een jaar. En na een jaar heb ik er een grote liefde bij, de liefde voor een heerlijk instrument, en voor het oefenen, onder de knie krijgen, steeds meer kunnen. Bijna elke dag komt 'ie uit zijn hoekje, speel ik even, of langer, of lang..... 4e positie, lage eerste vingers, hoge 4e vingers, ik kan het gewoon. Nog niet vlekkeloos, en niet altijd zuiver, maar ik kan het.

Nu nog vibrato. Want als ik samen met mijn zoon speel, dan kan hij dat al wel heel mooi...

donderdag 31 maart 2016

Wat je aandacht schenkt, groeit

En dat geldt niet alleen voor de muziek, liefde voor de cello, of voor Bach. Dat geldt voor mijn hele kind. Mijn zoon groeit van zijn cellolessen en van de aandacht van zijn cellodocente. Van niet zomaar tevreden, maar plezier in het nog beter maken van wat al goed is. Van, ook al was het vals, een compliment voor de concentratie. Van "He, hoor je wat er gebeurde? Hoe kun je dat oplossen?" Van mogen zijn wie je bent en daarin verder mogen groeien.
En van serieus werken, en plezier, en liefde. 
Als ieder kind nou eens zo iemand zou hebben....



zondag 27 maart 2016

Soms heb je echt moed nodig - als drempels muren lijken

Het was een mooie avond vrijdagavond. Ik geniet altijd van de vioolvoorspeelavond. Twee van de leerlingen zijn mijn dochters. Jongste was deze keer reuzetrots, want ze mocht "in het derde blok". De avond is ingedeeld in 3 blokken, wat ook wel nodig is, gezien het feit dat het van half 5 tot tegen 9 uur duurt. Globaal begint het met de jongste kinderen en zitten de oudste en meest gevorderde leerlingen in het laatste blok, hoewel daar naar hartenlust in geschoven wordt. Iemand die 's avonds nog een andere activiteit heeft, kan gerust in het eerste blok spelen. en iemand die graag wil dat er publiek uit de andere kant van het land kan komen, mag later op de avond. Dat is leuk, want zo horen de beginners toch ook heel regelmatig waar ze naartoe werken, en kunnen de verstgevorderde leerlingen weer even vertederd zien waar ze vandaan komen. Er ontstaat bovendien een band tussen de leerlingen, die elkaar ook weer tegenkomen op de ensembles, waar hechte vriendschappen ontstaan.
Deze keer deden niet alleen beide dochters mee, maar ook mijn zoon. Hij speelt cello, en is normaal publiek op deze avonden. Maar vorige week kwam de vraag of hij in een orkestje wilde plaatsnemen dat het altvioolconcert van Telemann zou begeleiden. Dat wat voor het eerst, dat hij daarvoor gevraagd werd. Hij vond het wel erg leuk en zei ja. Een week van tevoren kreeg hij de muziek, die hij deels al kende. Op vrijdagochtend om 10 uur zou er samen geoefend worden. Op vrijdagochtend om half 10 had ik een huilende zoon met ineens opkomende erge hoofdpijn. Ik vermoedde wel dat die hoofdpijn en Telemann iets met elkaar te maken hadden. Dat werd al snel bevestigd door zoon, die zijn eigen patroon gelukkig ook begint te herkennen. Stress = paniek en hoofdpijn. Het liefst zou hij wegrennen op zo'n moment. Ik begrijp dat. Ik heb nog steeds mijn vlucht- en wegkruipmomenten. Soms kun je daaraan toegeven. Soms kan het niet. En soms kan het wel, maar doe je het toch niet. Dat zijn de momenten van moed. Hij had, zelfs op dit moment nog, af kunnen zeggen. Er was een reservecelliste die dit zo van hem over kon nemen. Dat wist hij ook,
En toch... hij deed het niet. Daar was pedagogisch tact van mij en heel veel moed van hem voor nodig. Drempels lijken soms muren. Maar als je eroverheen bent, kom je in een nieuwe ruimte en krijg je meer ruimte. Hoe mooi is het, als je jezelf die ruimte kunt geven? Het leven blijkt leuker te zijn als je dingen doet die je eigenlijk heel eng en moeilijk vindt, maar wel graag wil, toch doet.
Hij had het nodig dat ik mee ging naar de repetitie. Dat was fijn, want ik kon de viooljuf even inseinen dat er ook van haar misschien wat pedagogisch tact gewenst was, wat ze feilloos opving en toepaste.
Vanuit de keuken zag ik hem groeien. En weer wat krimpen op het moment van het lastige deel waarover hij onzeker was, en weer groeien toen hij te horen kreeg dat hij de lastigste stukjes best mocht overslaan en dat hij het hartstikke goed deed. Het maakte uit voor hem dat hij wist dat de reservecelliste, die er nu niet was, vanavond met hem mee zou spelen.

's Avonds zat ik trotse moeder te wezen. Trots op mijn  jongste en oudste dochter, die allebei prachtig speelden, maar vooral ook ongelooflijk trots op mijn zoon, die niet alleen prachtig speelde, maar die een drempel nam die om half 10 's ochtends nog een onneembare muur leek.

zaterdag 19 maart 2016

Blij ei

Een uurtje geleden had ik een BOOS kind. Een kind dat eerst schreeuwde dat het toch niet ging lukken, en dat vervolgens met haar rug naar mij toe en haar armen over elkaar een klompje ikwilniet stond te wezen.
Toegegeven: het tijdstip voor dit knutselwerkje was misschien iets minder handig gekozen: net wakker was ze, nog niet eens ontbeten, haren nog in de nachtstand. Maar ze werd wel enthousiast toen ik het liet zien.
Van de week op school had ze een ei gemaakt met vlechtstroken, als cadeautje voor de bejaarden in het verzorgingshuis waar ze gisteren paasliedjes gingen zingen. De eieren werden in grote dankbaarheid in ontvangst genomen.

Ooit, ik vermoed op de PABO, heb ik gevlochten met cadeaulintjes. Een uitdagend werkje, zeker op de vroege ochtend. Maar het resultaat is leuk, en bovendien hadden we nog wat versieringen nodig voor in de paastakken. En dochter was enthousiast. In het begin. Een heleboel plakvingers, opkrullende lintjes en hm's en NOU's later stond ze dus met haar rug naar me toe.
Ik was ook met een ei bezig en ging stug door, zo nu en dan ook zuchtend en pff'end, want ook ik hd last van opkrullende lintjes en plakvingers. Het klompje ikwilniet werd zachter en ging iets anders doen. En mijn ei werd wel erg leuk. Dus toen ik even later voorstelde om het samen nog eens te proberen, zat ze eigenlijk al heel snel weer naast me. Verder prutsend, en samen grinnikend om wat er niet meteen lukte, maar wat we toch nog een keer probeerden.

Nu heb ik 3 blije eieren twee in de paastak, en eentje die er trots naar staat te kijken. Want dit was ECHT moeilijk, maar het is lekker toch gelukt!



zondag 28 februari 2016

Mindset - twee tassen en een trotse dochter

Ze heeft al in haar vinger genaaid. Ze was de stof aan het rechtleggen en vergat het pedaal onder haar voet. Even riep ze nog dat de naaimachine het vanzelf deed, maar ja, echt plausibel klonk dat niet, ook niet in haar eigen oren.
Ze heeft ook al geroepen dat ze echt niet nog een keer ging aanhechten, want de eerste twee keer ging het ook mis. Maar toen ik niet op haar niet uitgesproken vraag om het dan maar voor haar te doen in ging, heeft ze toch nog een poging gedaan. En het lukte.
Ze is scheef gegaan, buiten de stof gegaan, de draad is geknapt, en het spoeltje raakte op.
Maar ze heeft een tas. Zelf ontworpen,  zelf versierd, zelf gemaakt.
Ze vraagt hulp als ze het nodig is (mam, wil je even meekijken of het spoeltje er nu goed in zit?) en doet t zelf als ze denkt dat ze het zelf kan (ik ga eerst nog even strijken hoor, dan naait het lekkerder).
Mijn dochter van 8 heeft haar eigen tas genaaid, op haar eigen naaimachine. En ze is hartstikke trots.
Vandaag ben ik niet thuis. Mijn dochter van 8 naait vandaag een kussentje voor haar zus van 14. Ze kan namelijk beter naaien dan haar zus van 14.  Dat is geen kwestie van talent of gave. Dat komt doordat ze zich niet laat ontmoedigen door scheve naden, naalden in vingers en knappende draden. Dat komt door haar prachtige growth mindset.
Ik heb zelf ook een tas genaaid. Een fijne grote van een lapje waarvan ik ooit in een vlaag van verstandsverbijstering dacht dat ik er n jasje van wilde. 't Is de messengerbag Isabella van Farbenmix.  Had 'm al eerder gemaakt, maar die is aan t verslijten. De band heb ik iets verlengd, zodat ik m over m'n andere schouder kan dragen, da's handiger op de fiets.
En ik heb er een groot extra vak met rits in gemaakt. Ook zo'n mindsetdingetje. Want dat stond niet op t patroon en ik moest t zelf bedenken en het is ook niet helemaal goed gelukt, hij is een beetje uitgezakt. Dus de volgende keer moet ik dat misschien anders doen.
Want een growth mindset, dat betekent niet dat je door positief denken alles maar zo kunt. Maar iets proberen waarvan je niet zeker weet of het gaat lukken, fouten durven maken en jezelf uitdagen, dát is wel een growth mindset!

zaterdag 13 februari 2016

Mindset - een oranje leeuwenpak of een rokje

Afgelopen weekend heb ik met verbazing op de tv gezien hoe volwassen mensen zich in konijnenkostuum, pinguinpak of olifantenoutfit hesen om in weer en wind bier te gaan staan drinken en rond te gaan hossen. Ik ben maar weer verder gezapt mezelf gelukkig prijzend dat ik niet in het zuiden woon en dat ook op de school waar ik werk geen carnaval wordt gevierd. Ik heb een bloedhekel aan verkleden. Als kind vond ik het nog wel leuk om de oude kleren van mijn moeder aan te trekken en als een jonkvrouw een minijurkje van haar te dragen dat bij mij tot op mijn voeten kwam. Maar na die tijd was het over, Definitief.

Helaas voor mij, we doen niet aan carnaval op school, maar wel aan verkleden. Volgende week is het meesters- en juffendag. en het thema is "Ik hou van Holland". Visioenen van oranje leeuwenpakken met klompen, dansmariekejurkjes en Katwijker klederdracht trokken aan mijn netvlies voorbij. Nee toch... toch nog?
Nou ben ik niet voor een gat te vangen. Ik herinnerde me een lapje dat al jaren op de plank ligt. Een heel mooi lapje, duur lapje, dat ik goedkoop van iemand over heb genomen. Al die jaren lag het daar, ik wilde er graag een rokje van maken, maar dan wel eigenlijk een beetje een wijd rokje, want het was zo'n heerlijk soepel lapje katoen. Maar eigenlijk was het lapje net te klein voor een wijd rokje. En het was zo'n mooi lapje dat ik al die tijd een beetje bang was om het te verknippen. Het moest wel echt een mooi rokje worden, dat

mooie lapje. Een tulpenlapje... Tulpen! Wat is er nou Hollandser dan tulpen? Geen beter moment om dit lapje nu maar eens aan te breken!
Ik had wel een patroon voor een rokje, maar dat was een strakkig rokje. En dus werd dit een Project, met een grote P.
Ik schreef het een poosje terug al. Ik kan goed naaien, maar ik heb een patroon nodig. Zelf iets bedenken, da's een ander verhaal, en dat durf ik eigenlijk niet aan. Die stoel is nog steeds bedekt met de deken
die jaren geleden in een kerstpakket zat en is nog steeds niet opnieuw bekleed.

Voor mij ligt mijn tulpenlapje, en het patroon dat past, maar niet wijd is. En ik WEET hoe ik het moet aanpakken, maar eigenlijk durf ik niet. Mijn fixed mindset steekt de kop op. "Ik kan het niet" "Ik heb echt een patroon nodig". "Ik kan wel naaien, maar niet patroontekenen" "Ik kan natuurlijk ook gewoon wel verkleedkleren aantrekken (of ziek zijn op die dag)". Maar heel zachtjes trekt mijn growth mindset aan mijn mouw. "Je kunt het wel proberen" " als je nou eerst een proefrokje maakt, dan geeft het niet als het fout gaat" "het is wel een uitdaging, en als het lukt is het wel heeeeeeeel leuk".
En ik maak een keuze. Ik kies voor het rokje, en tegen het oranje leeuwenpak met klompen.
Ik knip het patroon doormidden en maak het onderste deel wat wijder. Ik maak een proefrokje uit grijs linnen dat ik al wel meer dan 10 jaar heb liggen. Dat voelt als opruimen, een oud lapje er doorheen jagen, da's een bijkomend voordeel. En het proefrokje is draagbaar en eigenlijk best leuk. Het echte rokje mag nog wat wijder. En iets korter. Ik pas weer het patroon aan. Inknippen, wijder maken. Het onderste deel komt als het lukt mooi klokkend aan de bovenrand. Als ik het heel precies op de stof leg, past het net. Eigenlijk kan ik dit gewoon best, al durf ik dat nog niet helemaal door te laten dringen.
Het naaien is eigenlijk niet moeilijk. Gewoon eerst het rokdeel aan de band naaien, en verder spreekt het voor zich.. Een blinde rits erin, en het beleg heel precies met de hand vastgenaaid. Ik werk extra netjes, als een soort cadeautje aan mezelf

Bij het feest loop ik niet in een leeuwenpak, maar in een tulpenrokje, dat ik daarna ook nog heel vaak kan dragen. Voor de gelegenheid wil er ik er nog wel een knaloranje T-shirt bij aantrekken. En niemand zal zien dat ik van al mijn collega's waarschijnlijk verreweg de meeste uurtjes in mijn outfit heb zitten. Maar ik weet dat wel. En ik voel me echt een beetje feestelijk, want ik ben een drempel over gegaan. Ik heb een patroon echt helemaal veranderd, ondanks het stemmetje dat roept dat ik dat niet kan. En ik heb eieieieieindelijk dat lapje gebruikt.


zondag 8 november 2015

Een nieuwe bondgenoot en een nieuw jurkje




Ik heb een nieuwe bondgenoot. En mijn jongste dochter heeft een nieuw jurkje. Om met dat jurkje te beginnen: da's een tricot jurkje, een patroon uit de nieuwste Ottobre. Ze heeft zelf de stof uitgezocht. Zelf had ik er niet voor gekozen, niet omdat ik het niet mooi vind, maar ik vind 't eigenlijk geen kinderstof, en had het daarom niet geassocieerd met een jurkje voor een meisje van 8.
't Jurkje is nog wat aan de ruime kant, maar het zit heerlijk, aldus het oordeel van dochter.


Dan de bondgenoot. Mijn nieuwe bondgenoot heet Framilon. Ik heb hem al een poosje terug leren kennen, maar het boterde niet zo tussen ons. Framilon deed niet wat ik wilde en ik heb Framilon wel eens in een hoek gesmeten, geheel tegen mijn vreedzame aard in. Het klikte niet, dat was duidelijk.

Even iets uitleggen. Framilon is heel dun en heel rekbaar elastiek. Het is doorzichtig en je kunt er mee rimpelen. En het is hartstikke handig. Voor anderen dan....
Ik had het al eerder gekocht, en gebruikt ook, maar het flubberde alle kanten op. Mijn naaimachine bleef er op plakken. Ik wilde te snel, Framilon wilde de andere kant op, en zo vloog het uiteindelijk met een boog in een hoek.
Nou is het zo dat in patronen van de Ottobre heel vaak Framilon wordt gebruikt. En dat was wel een beetje onhandig, want ik vind patronen uit de Ottobre soms wel heel leuk. Nou kun je het wel ontwijken hoor, je kunt gewoon ouwerwets rimpelen met twee draden, of een ander soort elastiek gebruiken, en dat deed ik dus ook. Maar iets zat er niet lekker.
Framilon
Eerder schreef ik over mindset. En mijn groeiende growth mindset vertelde mij dat het wel erg fixed was om Framilon in een hoekje te laten liggen. En dus pakte ik voor dit jurkje toch weer de moed en Framilon bij elkaar en ging het proberen. En het lukte.... NIET. Het werd een halsboordje dat er niet uitzag. En toen heb ik het jurkje niet met Framilon in een hoekje gegooid. Ik heb het boordje er weer afgehaald, heb het randje Framilon eraf geknipt en ben opnieuw begonnen. Ik heb het boordje smaller en strakker gemaakt en het iets anders gemaakt dan het patroon voorschreef. Maar MET Framilon, en geduld. En het is gelukt, zomaar. Niet perfect, maar goed genoeg.
En het lukte.... NIET

Met Framilon. En geduld.
Framilon en ik hebben besloten dat we geen beste vrienden hoeven worden, ik heb zo mijn eigen vrienden, en Framilon heeft het prima naar zijn zin met het brede, smalle en  knoopsgatelastiek in het doosje, maar dat we als dat zo uitkomt best samen kunnen werken.







maandag 2 november 2015

Mindset, en wat een stoel daarmee van doen heeft

Hoe kan het toch dat kinderen die veel potentie hebben, hoogbegaafde kinderen bijvoorbeeld, zo vaak moeite hebben met het aangaan van uitdagingen? Hoe kan het dat Smartgames vaak blijven liggen zodra de makkelijkste levels moeiteloos doorlopen zijn en het volgende niveau bereikt is? Hoe komt het toch dat een kind dat het rekenwerk in de klas (saaaaaaaai) foutloos maakt en zich verveelt in de klas afhaakt als het mag gaan werken uit Rekentijgers, lekker uitdagend, op het goede niveau?

Het zou zomaar kunnen dat dit kind te kampen heeft met een fixed mindset. Da's een lastig probleem, maar gelukkig niet onoverkomelijk. Met veel geduld en inzet is een fixed mindset namelijk om te zetten in een growth mindset.
In het kort komt het hier op neer: Als je een fixed mindset hebt, dan denk je dat het is zoals het is. OF je kunt goed rekenen, OF je kunt het niet. OF je bent goed in tekenen, OF je hoeft er eigenlijk niet eens je best voor te doen, want als je het niet kunt, dan kun je het niet. OF je bent slim, OF je bent dom.
Heb je een growth mindset, dan ligt dat allemaal anders. En dat betekent niet dat je denkt dat je alles kunt. En zelfs niet dat je alles kunt leren. Maar wel dat je beter kunt worden. Iemand met een growth mindset durft uitdagingen aan te gaan, wil oefenen om iets te bereiken (zie het geitenpaadje) en is heeft een ontwikkelingsgerichte houding, Zo iemand durft de lat hoog te leggen, maar is ook realistisch over wat haalbaar is.

Nou schreef ik al dat het mogelijk is een fixed mindset om te buigen naar een growth mindset. Vreemd genoeg is een fixed mindset vaak het gevolg van een overdaad aan complimentjes. Een peuter die een paar lijnen op papier zet en te horen krijgt "Ooo,  wat een prachtige tekening, JIJ kan goed tekenen zeg!" En dat de volgende dag weer, en bij de volgende tekening weer, krijgt (onbewust en onbedoeld) het idee mee dat je goed kunt tekenen als je geen moeite hoeft te doen. En als je als kleuter al kunt lezen (gewoon, je snapte hoe het in elkaar zat, onthield de letters, je had het trucje door en daar ging je) en de hele tijd te horen krijgt dat je zo knap en zo slim bent, dan moet het wel zo zijn dat je niet slim bent als je ergens heel erg hard voor moet werken voor het lukt. En dus kun je maar beter niet aan dat soort dingen beginnen.... Smartgames zijn saai en Rekentijgers is stom en wie hard werkt is dom. Of, erger nog: "dat kan ik niet in een keer, dus ik ben dom" En dat is geen aandachttrekkerij, dat is wat een kind echt voelt.


Nou is het gelukkig niet zo dat je geen complimenten mag geven, maar het is zaak om die feedback te geven op inzet en op het proces, in plaats van op het resultaat of het product. Natuurlijk mag je best zeggen dat een tekening mooi is als die goed is gelukt. Maar een compliment als "Mooi zeg, wat een tekentalent ben jij" is erg resultaatgericht en werkt een fixed mindset in de hand.
Wat kun je dan wel zeggen? Iets als "wow, die is goed gelukt! Je hebt vast heel goed gekeken. Hoe komt het dat dat stukje daar zo mooi is geworden?" Of: "Wat heb je de kleuren van het haar mooi uitgezocht, " Of: "Ik kan zien dat je heel erg je best hebt gedaan om de ogen goed te krijgen" En, een hele goeie: "Ben je zelf tevreden? Wat is goed gelukt? Waar ben je minder tevreden over? Wat zou je een volgende keer anders doen?"

Maar.... die stoel? Wat heeft die er nou eigenlijk mee van doen? Da's mijn eigen mindset, die meestal best heel groeigericht is. Maar als het gaat over naaien is dat vreemd genoeg een ander verhaal. Ik kan namelijk heel goed naaien. Ik draai mijn hand niet om voor een jurk voor mijn dochter, een keurig overhemd voor mijn zoon of een heerlijke winterjas. Maar... zonder patroon ben ik nergens. Ik kan dat namelijk niet, naaien zonder patroon. Ineens ben ik zo fixed als wat. Ergens weet ik wel dat ik het zou moeten kunnen. Ik heb de vaardigheden, ben slim genoeg, heb de machines die ik nodig heb in mijn naaikamer staan... Maar als ik dan lees dat iemand stoelen zelf opnieuw bekleedt, dan heb ik diep respect en denk ik met een klein knoopje in mijn maag aan de stoelen bij ons in de huiskamer.
Die met een grote scheur erin, waar al maanden een deken overheen ligt...
Zo moeilijk kan het niet zijn. Maar ik durf niet. Want misschien mislukt het wel. Misschien gaat het niet in een keer zoals ik het wil hebben...
Nieuw project: stof uitzoeken, en genieten van het proces van het maken van nieuwe stoelkussens. Misschien lukt het wel.
Mijn lat gaat een stukje omhoog. Hoger, maar haalbaar.