Posts tonen met het label kleuters. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kleuters. Alle posts tonen

dinsdag 31 maart 2026

Nagels

"Wow, ze zijn prachtig, je lijkt wel een echte dame!"

Blond Miepje staat stralend voor me, met gespreide handen met daaraan nagels die een zestienjarige niet zouden misstaan, De verhoudingen zijn een beetje zoek mollige kleuterhandjes met pubernagels. 

Van verhoudingen heeft ze zelf geen last. Ze is trots en kan alles gewoon, verzekert ze me. 

Ik was voorbereid. Het mailtje van haar moeder was het eerste dat ik vanochtend las. Excuses voor het uiterlijk van haar jongste dochter, en een verklaring voor hoe het zo heeft kunnen komen. Een groter buurmeisje wilde best haar nepnagels delen met haar kleine buurgrietjes. Lief natuurlijk, maar moeders zat er maar mooi mee, want wat  ze ook probeerde, de nagels bleven hardnekkig zitten waar ze door het buurmeisje vakkundig waren geplaatst, en iets minder vakkundig waren beschilderd.

Nogmaals excuses, het advies om haar maar vooral alles zelf te laten doen vandaag en de stiekeme hoop dat de boel vandaag in de loop van de dag uiteen zou vallen.

Met een grijns ging ik de dag tegemoet. En nu loopt Blond Miepje trots en in volle glorie door de kring om iedereen haar prachtige nagels te showen. 

Het moet gezegd: ze kan er eigenlijk alles mee. Haar eten brengt ze moeiteloos naar haar mond, kleien, met de kralenplank spelen, geen enkel probleem. Misschien is ze een nagelnatuurtalent. 

Veel tijd om erbij stil te staan hebben we niet. de aandacht wordt vandaag een beetje opgeëist door twee andere jonge wezentjes in onze kleuterklas: de kuikens die in een hoekje van de klas staan. Twee pas uit het ei gekropen krielkippies waarvan de naam nog door middel van stemming moet worden bepaald. Iedereen is dol op ze, en ik niet het minst. Herrie maken ze wel, zeker als er niemand met zijn hoofd boven de bak hangt. Luidkeels laten ze weten dat ze er zijn: "Joehoe! Hier zitten wij! Kom kijken dan!" En dus zitten er de hele dag door telkens wel een paar kinderen vertederde aandacht te schenken aan onze jongste kleuters. Aankomen mag nog niet, behalve heel voorzichtig samen met de juf even aaien. Vandaag gebeuren er geen gekke dingen. Geen kralenplankkralen tussen het voer, geen handenvol zaagsel om de boel lekker op te fluffen. Iedereen houdt zich aan de regels. 

Tijdens het spelen hoor ik ineens een sirene afgaan. De kuikens kunnen behoorlijk wat lawaai voortbrengen, maar dit lijkt urgenter. 

Op de gang vind ik Blond Miepje. Ze heeft haar tas in haar handen en haar verdriet schalt door het gebouw. "Wat is er Blond Miepje?" 

"IMIJNAAFMAAINMETASDAAAAN!" 
"Wacht even hoor, ik kan je niet zo goed verstaan. Word even rustig en vertel het me nog een keer."
"Ik heb mijn nagel eraf, maar ik heb hem wel in mijn tas gedaan!"

Snikkend laat ze de zielige resten nagellak zien op de vinger waar de nepnagel van is afgebroken. Een beetje begrip is genoeg: "Ik snap dat je daar een beetje verdrietig over bent." 

Huppelend gaat ze weer terug naar het plekje en verder met waar ze mee bezig was. Zo belangrijk is een nagel nou ook weer niet in een kleuterleven.


dinsdag 24 februari 2026

Een vijver op het plein

 "Ik blijf hier staan. De hele tijd dat we buitenspelen."

Hij wilde meespelen, maar dat mocht niet. Nou ja... dat mocht wel, maar hij wilde Paw Patrol spelen, en dat wilden de anderen niet. En als je bij een groepje aansluit, dan kun je niet zomaar bepalen wat je gaat doen, dan speel je mee met wat de rest doet. Er was wat geduwd en misschien zelfs wel geschopt. 

Boze Jongen haalde bakzeil. Dat gebeurt niet zo vaak, meestal kan hij Zachte Goeierik en de anderen wel overtuigen van zijn gelijk.. Maar vandaag hield Zachte Goeierik voet bij stuk. Hij wilde geen Paw Patrol doen, en stiekem ben ik trots op hem. 

En nu staat Boze Jongen naast me. Hij straalt zijn boosheid de wereld in, zonder te schreeuwen, zonder te schoppen of te slaan, maar met zijn armen over elkaar en zijn hoofd op onweer. Niet van plan te gaan spelen. Een dappere keuze, want het plein is bijzonder aantrekkelijk vandaag. Het heeft geregend, maar nu is het droog en niet koud. Maar er ligt nog wel een enorme plas, vijverformaat. Kinderen met of zonder laarzen sjouwen er om- en doorheen, er wordt geschept, geroerd, gegolfd. 

Kleine Vrolijkerd heeft een krat gevonden, de inhoud eruit gemikt en duwt hem door de plas. Heen en weer, heen en weer. Dan pakt hij een schepje en een schaal en vult met engelengeduld het krat met
water, wat er met dezelfde vaart weer uitstroomt, want aan alle kanten is het krat open. Het lijkt wel een zwemles met kleren aan, doorweekt is hij. Doorweekt en blij.

Maar Boze Jongen staat naast mij. Zijn besluit om boos te zijn heeft hij genomen en daar wijkt hij niet van af. Standvastigheid is ook een kwaliteit. Hij is niet boos op mij, en wil ook best even kletsen. In de vakantie had hij nieuwe schoenen gekregen. Oranje. Maar vandaag heeft hij ze niet aan. En zijn oranje schoenen waren eigenlijk ook alweer vies. Hij zegt het met een lachje. Per ongeluk, want eigenlijk is hij nog boos.


Ik moet even naar binnen, naar de wc. En als ik weer buiten kom, is Boze Jongen verdwenen. De juf van de andere klas heeft gezegd dat hij weer moet gaan spelen. Maar hij was nog niet klaar met boos zijn. 

Als we even later naar binnen gaan, vind ik hem in de huishoek, met zijn jas aan. 
"Kom, we gaan in de kring, ik ga een boek voorlezen." 
"Nee, wil ik niet."
"Maar je was niet boos op mij, weet je nog? En ik wil graag dat je in de kring komt."

Niet lang daarna zit hij in de kring. Nog steeds boos, met zijn handen in zijn zakken en zijn ogen demonstratief dicht, maar eigenlijk stiekem op een kiertje, want de Gruffalo is toch wel spannend en leuk. 

En als we gaan eten ("Ik wil niet eten, ik wil thuis eten") gaat hij toch aan tafel zitten, eet hij zijn boterham, en leest hij daarna met een nog steeds boos gezicht een dinoboek. Maar zijn boosheid wordt zachter. 

Ik loop naar hem toe: "Boze Jongen, ik zie dat je nog boos bent. Maar we gaan zo weer naar buiten toe, en ik zou het wel heel jammer vinden als je nu weer niet kunt spelen omdat je boos bent. Het is veel fijner als je wel kunt spelen."

Overtuigd is hij nog niet, maar hij denkt erover na. En niet veel later raust er, met zijn laarzen aan en
zijn benen omhoog, op een fietsje door de plas, een Blije Jongen.


dinsdag 6 januari 2026

Sneeuw!

 "Juf, ik heb een nieuwe trui!"

Trots trekt ze haar vestje uit, want de achterkant moet je ook zien, daar staan de kersen van de voorkant nog een keertje op, maar dan veel groter.

"Mooi! Wie heeft hem uitgezocht?" 

Ze was met mama en haar zussen naar de stad geweest en toen mochten ze nieuwe kleren. Zelf uitgezocht. Sommige kinderen worden met smaak en stijl geboren. 

We zien elkaar voor het eerst na de kerstvakantie. Iedereen heeft het fijn gehad, in een huisje, bij opa en oma, of gewoon thuis. En nu zijn we weer naar school en het heeft gesneeuwd! Al dagen wonen we in een witte wereld. Een wereld met sneeuwpoppen, sneeuwballen en de slee. Bijna allemaal hebben ze gesleed. Getrokken door iemand anders, zelf getrokken, of zjoef! van een heuveltje af. Voor wie nog nooit op wintersport is geweest is dit de eerste keer echt in de sneeuw. De vorige keer dat er zoveel sneeuw lag waren ze baby. of zelfs nog niet eens geboren!

De vakantie was heerlijk, maar school is ook weer erg gezellig. Soms iets te gezellig. Als ik langs de wc's loop, zie ik onder het deurtje door niet twee, zelfs niet 4, maar wel 6 voeten! Dat kan niet de bedoeling zijn. 

"Wat zie ik hier nou?", vraag ik met een strenge stem. De deur gaat open en 3 meisjes staren me met grote ogen aan. Nee, met zijn drieën tegelijk naar de wc mag niet, dat weten ze. 1 persoon per wc. Braaf lopen ze mee naar de klas en alsof er niets is gebeurd gaan we door met de dag.

Gym staat op het programma. Maar ja, gymmen in de gymzaal als de wereld buiten zo heerlijk besneeuwd is? 

Wintersport! We schaatsen samen een rondje om de school. We voelen ons reuzesportief, maar we worden er wel moe van. Een rondje is wel genoeg.
Daarna blijven we heerlijk  nog even met de andere kleutergroep buitenspelen.

"Ik heb die drie dames uit jouw klas gezegd dat ze hun eigen jassen weer aan moeten trekken en naar buiten moeten komen!" Mijn collega kijkt me aan met een grijns. Ik weet meteen om welke dames het gaat. De dames van de wc. Ik ga eens even binnen kijken. En ja hoor, daar vind ik twee van de drie meiden, druk doende om een skipak uit te trekken, en de eigen jas weer aan, de laarzen uit en de sneeuwschoenen weer aan. Maar dan blijft er iemand op sokken achter, met laarzen ernaast die niet van haar zijn. Haar schoenen zijn buiten, aan de voeten van meisje nummer 3. 

Meisje nummer 3 naar binnen, schoenen uit, eigen laarzen weer aan, en zo kan iedereen in de eigen kleren weer verder spelen. 

Tenminste... dat dacht ik... 

Na het buitenspelen mis ik een paar meiden in de kring. Het zal toch niet? 

En ja hoor, op de wc vind ik meisje 1 en 2, samen in de wc. Hoe kan dat nou? Ze hadden toch zo braaf geknikt eerder vandaag? "Ja maar, wij moesten nog omkleden!" En toen kwam de aap uit de mouw. Ze zaten niet samen op de wc, het was even een kleedhokje. In de klas zit meisje nummer 3 met kleren die niet van haar zijn. 

Niet alleen de jassen en de schoenen waren verwisseld. Het ondergoed was nog bij de rechtmatige eigenaar, maar de rest... een driehoeksruil: meisje 1 in de kleren van meisje 2, meisje 2 in de outfit van meisje 3 en meisje 3... inderdaad. De mooie nieuwe trui zat aan een ander lijf, de haarband op een ander hoofd. "Kom maar snel in de klas omkleden."

"Vonden jullie dat handig, op een dag dat we ons al telkens in allerlei ingewikkelde kleren moeten hijsen voor we naar buiten gaan?" Ze kijken van elkaar naar mij. Durven we? En alle drie durven ze: "Ja!"

"En denk je dat ik het handig vind?" Mijn woorden proberen streng te zijn, maar mijn ogen kunnen hun lachen niet inhouden. Boos ben ik niet, dat zien ze zo. En nee, handig vind ik het niet, maar eigenlijk best grappig. En ze kunnen het zelf weer omwisselen, dus veel werk heb ik er ook niet van. Maar doe toch maar niet weer.

"Hoe lang blijft de sneeuw nog juf?"

Precies durf ik het niet te zeggen, maar deze week is ons plein nog wel wit, en morgen gaat het ook nog wel weer sneeuwen. Nog even genieten, sneeuwballen gooien, sleeën, en misschien nog wel een sneeuwpop maken. Maar wel in onze eigen kleren.




woensdag 8 oktober 2025

Wensen

 "Lieve juf Yvonne, wij hebben een heel mooi liedje voor je!"

Op mijn vrije maandag, die deze keer heel feestelijk is, krijg ik een spraakberichtje van mijn collega die vandaag bij de kleuters werkt. Nou ja, spraakberichtje, een zingberichtje is het.

Door mijn telefoon klinkt onbedoeld meerstemmig en ontroerend enthousiast een prachtig lied op de wijze van Vader Jacob:

Juf Yvonne, juf Yvonne
houdt van Dick, houdt van Dick.
Nog vele mooie jaren, nog vele mooie jaren,
gefeliciteerd, gefeliciteerd!


Afgelopen maandag, 6 oktober, was het feest bij ons thuis. Het was precies 25 jaar geleden dat we in Utrecht in ons mooie kloffie trouwden en we vierden dat innig. We zijn niet van de grote feesten, geen polonaises, geen dj's tot in de late uurtjes, geen afgehuurd zaaltje en ook geen 60 gasten. Uit eten met familie, en een klein aanwipfeestje thuis, met de kinderen en wat vrienden.  En later deze maand vieren we het nog met z'n tweetjes in Lissabon en met getuigen en ceremoniemeesters van 25 jaar geleden bij een concert.  Wij vieren op onze manier.

Van onze kinderen kregen we een speciale versie van de Feestkrant, een uitgave die ze ooit voor Moeder- en Vaderdag maakten en die nu in een luxe editie verscheen. Ze stellen zichzelf voor, laten ons door hun vrienden feliciteren, schrijven hoe ze hun eigen bruiloft voor zich zien, en we lezen nieuwsfeiten van 25 jaar geleden. CSI ging in première op onze trouwdag, en Slobodan Milosevic verloor definitief de macht in Joegoslavië. Ik had geen idee, ik was met andere dingen bezig. Een prachtcadeau is het, dat zijn waarde niet in geld laat uitdrukken.

En dan de kinderen van school. Van beide groepen krijgen we een prachtig kunstwerk, met, hoe kan het ook anders, als overheersende vorm een hart. 
In groep 5 hangt een mooie poster met van elk kind een hartje dat mooi versierd is of waar een lieve wens op staat. Ik laat het deze week lekker op school op de deur hangen, kunnen we er samen nog even van genieten.

Het grote hart van de kleuters kreeg ik al op de maandag zelf. Elk kind heeft uitgeknipt en opgeplakt wat ze voor cadeau voor ons in gedachten hebben. Het varieert van een raceauto en een racebaan (ach, wat had ik die in mijn kinderjaren graag gehad), via lavalampen en een Frozen-kasteel tot knalblauwe donuts en hutspot met bitterballen. Een waar feestmaal natuurlijk.










Op de achterkant staan de wensen van de kinderen, die mijn collega heerlijk letterlijk heeft opgeschreven. Een kleine greep uit de welgemeende wensen:
"Gefeliciteerd!"
"Wij wensen juf Yvonne trouwdag!"
"Ik wens dat juf Yvonne nog fijn leeft!"
"Lief dat je van hem houdt."
"Getrouwd!"
"Ik wens juf een raceauto."
"Lieve vrijheid!"
en, en daar ben ik het helemaal mee eens, daarom is het na 25 jaar tenslotte nog steeds feest:
"Het is leuk dat je met je man getrouwd bent!"

Gisteren trakteerde ik bij de kleuters, en vandaag in groep 5. Kleine zakjes snoepjes die in dankbaarheid werden ontvangen. Ook de jeugd van tegenwoordig is tevreden met feest op zakformaat.
Na schooltijd werd een jongen opgewacht door zijn broer uit groep 6. 
"Snoepjes? Waarom hebben jullie snoepjes?"
"Omdat juf Yvonne 25 jaar getrouwd is."

"Waarom krijgen wij dan niks? "
"Tja, omdat je broer nu toevallig bij mij in de klas zit, en jij niet meer."

"Nou, maar vorig jaar was je toch ook 24 jaar getrouwd?"



dinsdag 30 september 2025

Heel eerlijk

Ik ben trots.

De kleuters zitten te eten aan hun tafeltjes. Ik ben zojuist naar de wc geweest. Daar moest ik eerst wachten, want een collega was me net voor. Toen heb ik nog een poosje staan praten met een paar kinderen uit de bovenbouw. Daarna heb ik dan toch echt gedaan wat ik kwam doen.

En nu kom ik terug in de klas, en mijn kleuters zijn nog steeds stil aan het eten. De timer staat nog aan, ik had hem op 15 minuten gezet, 15 minuten stil eten, best lang. Maar stil eten met een juf erbij is een ding. Stil eten terwijl de juf de klas uit is, is een heel ander level, dat is ronduit knap. Ik prijs mijn kleuters de hemel in. Een trotse juf met kleuters die zich groot voelen.

Als ik mijn eten op heb en het nog steeds stil is, maak ik van de rust gebruik om iets ter sprake te brengen.

"Ik wil graag even iets met jullie bespreken wat niet zo leuk is. Gisteren stond ik hier in de klas en ik keek naar de muur. En daar zag ik ineens allemaal letters. Er was gisteren iemand die aan het stempelen was, maar die niet alleen op zijn papiertje heeft gestempeld, maar ook op de muur en op het prikbord. Daar schrok ik wel een beetje van, want dat is natuurlijk niet de bedoeling."

Even is het helemaal stil in de klas. Iedereen laat de ernst van de gebeurtenis even op zich inwerken. 

Dan klinkt er een klein, timide stemmetje: "Maar dat gaan wij nooit meer doen..." 

Hij kijkt me niet aan, zijn voeten zijn een beter punt om op te focussen op dit spannende moment. 

Naast hem zit zijn vriend, die de bui al ziet hangen. "Ik heb dat niet gedaan!"

Ik besluit Vriend even te negeren en me te richten op Stempelaar. "Wat fijn dat jij meteen eerlijk zegt dat jij het hebt gedaan, en dat je ook weet dat dat niet nog een keer moet. Ik ben heel blij dat jij zo eerlijk bent." 

Hij mompelt iets over zijn Vriend. Timide als hij is, hij is niet van plan hier alleen voor op te draaien. Terecht ook, samen uit is samen thuis tenslotte.

"Ik heb dat niet gedaan!", herhaalt Vriend nog even, met iets minder bravoure nu. 

"En als je heel eerlijk bent, heb je het dan gedaan?"

"Ja, dan wel."

Als de andere kinderen naar buiten gaan, poetsen Stempelaar en Vriend de muur zo goed en zo kwaad als het gaat schoon. En ze gaan het nooit meer doen.

woensdag 12 maart 2025

Een aardappel

 "Juf, hoe schrijf je de b?"

Met grote ijver zijn ze woorden bij de plaatjes aan het schrijven. Ze hebben al omcirkeld waar je de g vooraan hoort. Maar ze kennen al veel meer letters, en wie letters kent, kan schrijven, vaak al eerder dan lezen. En zo komt het woord glijbaan naast het plaatje van de glijbaan te staan: glaijba. Op het blad staan even later ook de woorden gans, gitar, gras en glas. En zo gaat het al weken, Elke keer als we woorden zoeken, schrijven we ze er ook bij. "Juf, MOET je de woorden erbij schrijven?" Nee, het moet niet.

Niet iedereen is al zover. Geen wonder ook, sommige kinderen van
groep 2 zijn al 6, of worden dat bijna, en anderen zijn net een paar maanden 5. En de een is snel met letters, en de ander bouwt weer mooie bouwwerken met de lego, of ligt graag op de grond met autootjes te spelen. Wie nog niet kan, of nog niet wil, hoeft nog geen woorden te schrijven. We zijn tenslotte nog kleuters, en gras groeit niet sneller door eraan te trekken. Het groeit vanzelf.

Vrolijk Mannetje is een speelkind. Hij is nog niet zo bezig met letters, is ook nog niet zo toe aan moeilijke werkjes aan een tafel, maar geef hem een bak met constructiemateriaal, en hij is uren zoet. Vandaag is hij bezig met een tekening. Ik loop langs en blijf even kijken. "He, jij hebt Mario en Luigi getekend!" "Ja!" zegt Vrolijk Mannetje blij. Hij houdt niet alleen van constructiemateriaal, maar ook

van Mario. Mario en Luigi zijn twee bijna identieke poppetjes, met een ronde buik, strepen als armen en benen en grote ronde ogen en flinke flappers van oren. Toch herken ik ze: Allebei hebben ze een primitief petje op, de een met een M en de andere een L. De L staat op de kop, maar het is een L. Zo zie je maar, niet aan trekken, het groeit vanzelf. 

Nog niet zo lang geleden snapte hij nog echt niets van letters, woorden en welke klank je hoort. Maar als we nu een filmpje kijken van ons favoriete autootje Brum, roept hij enthousiast: "Juf!!! Juf!! Dat is ook met g! Bggum!" Knap gevonden!

Eerder vandaag bedachten we samen woorden met de g. 

"geit!" Ik schrijf het woord op het bord. Het klopt, geit is met de g. 
"geel!" klopt ook.

en dan slaat de verwarring toe. Want na schildersezel (het thema kunst is goed voor de woordenschat), waarbij je de g wel hoort, maar niet ziet, komen we op twee woorden die wel erg op elkaar lijken. 

Ik schrijf op het bord: 

grijs 

en zet er een grijs rondje omheen. Grrrrrrrijs, dat is een kleur. Maar we hebben ook nog 

gijs

Gijs is het broertje van een van de kinderen. Naast het woord teken ik een ovaal, met daarin twee stipjes en een gebogen streep, terwijl ik zeg: "En Gijs is...."

Vrolijk Mannetje kijkt naar mijn tekening van het broertje en roept verbaasd: "EEN AARDAPPEL???"



woensdag 20 november 2024

Lekker rustig

 "Juf, wat doen die mannen?"


Tuurlijk, dat kan er ook nog wel bij. het was toch al chaos. Voor het raam van mijn kleuterklas zijn 3 werkmannen bezig in de tuin. Kruiwagens, scheppen, boompjes en stoere hoofden. De mannen maken een wilgentenen tunnel, vlak voor ons raam, en ze halen fietsenrekken weg. Daarvoor willen ze dan graag weer zand uit onze zandbak. De kinderen mogen als we buitenspelen helpen scheppen, in de grote kruiwagen. Maar verder mogen ze niet helpen. Jammer, het was net zo interessant allemaal. 

Vandaag sta ik in standje laatjeniegekmaken en als de werkmannen een apparaat tevoorschijn halen waar ze een hoop herrie mee gaan maken, zeg ik: "Mooi, we gaan toch net naar gym." In no time staat iedereen bij de deur in de door mij gewenste volgorde en lopen we naar buiten, de kou in.

Dat is nog een ding, die kou. Sneeuw! Gelukkig valt het mee, en elke keer als we buiten lopen is het droog, of in ieder geval bijna. 

Verder hebben we natuurlijk die oude man met die baard die met zijn hele santenkraam vol onrust op een boot gestapt is en nu weer de harten van alle kinderen in Nederland sneller laat kloppen, maar als


bijwerking ook de beweeglijkheid vergroot en het volume verhoogt.

Bijna alle kinderen kijken thuis het Sinterklaasjournaal en zijn precies op de hoogte van alle ontwikkelingen. Vorige week over bruggen, nu over fietsen die op slot moeten, of juist niet, over lekke banden met pepernootjes erin en over chaos in de pakjeskamer. En over Malle Pietje, die top de meest onhandige momenten zijn vinger omhoog steekt, de rest tot stilte maant en zegt: "Lekker rustig he?" Hilariteit alom, zowel in het Pietenhuis als in de kleuterklas.

In de gang, bij het koffiezetapparaat, staat een fiets. Wat doet die daar nou weer? Hé, er zit een zadelhoesje om het zadel, met een mijter.... Zou dit soms zo'n fiets van een Piet zijn? We denken collectief van wel. Hij heeft wel een lekke band... Misschien zit er een pepernootje in. Verbaasd blijven we met zijn allen bij de fiets staan. Energiebommetje, die meer energie te bommen heeft dan ooit, ligt meteen op zijn knieën. Ja, lekke band, dat ziet íe zo.

Het blijft niet bij sneeuw en Sint, we hebben ook nog twee jarigen. Rustige Druktemaker is in het weekend jarig geweest en trakteert vandaag. Groot feest, met een taart op het digibord en met liedjes zingen en een traktatie, kruidnoten en chocolademunten, lekker!


Maar ook vandaag, precies vandaag, een jarige juf. Toen ik vanochtend op school verscheen vond ik een feestmuts op mijn stoel, net als Rustige Druktemaker. Ook ik vier vandaag mijn feestje, met mijn muts op mijn hoofd en met een traktatie, en tekeningen en een groot hart dat ik krijg van al mijn kleuters. En een dennenappel, gevonden op de terugweg van gym. "Alsjeblieft juf, een cadeautje voor je verjaardag." In innige dankbaarheid neem ik hem aan. Ik heb nog nooit een dennenappel voor mijn verjaardag gekregen, en hij ruikt lekker naar hars.

Vanmiddag hebben we eindelijk tijd om even gewoon te spelen. Nou ja, gewoon... Energiebommetje rent achter een ander ventje aan door de klas en ze stoeien elkaar giechelend omver. En waar we de afgelopen weken zo heerlijk rustig konden spelen, is het nou een kakofonie van jewelste, met kinderen die van de weeromstuit naar hun vriendje vlakbij roepen. Ondertussen proeft Slimmaartoch een stift.
Ik kan mezelf bijna niet horen denken.

Te midden van dit kabaal komt Blond Bonkie met een guitig gezicht bij me staan. Hij steekt zijn vinger omhoog en zegt, als ik heel goed luister kan ik het net verstaan: "Juf, stil eens!" 

En zonder aft te wachten er meteen schaterlachend achteraan: 

"Lekker rustig he?"

woensdag 13 november 2024

Fiddelminger



Op haar tenen loopt ze door de gymzaal. 

Staartenmiepje kan tellen als de beste, al in groep 1 telde ze met groot gemak van 30 terug naar 0. Maar in de gymzaal is ze voorzichtig. Op haar hoede voor de gevaren die er schuilen: wandrekken, banken om op te klauteren, voorbijsuizende ballen of zwaaiende touwen. Ze vertrouwt ze voor geen meter.

Met een onzeker glimlachje draait ze zich naar me om, een touw in de handen. Eigenlijk wil ze wel op de knoop, maar hoe? Het wandrek heeft ze even aangekeken, maar al snel concludeerde ze dat dat geen doen was. De sporten zitten veel te ver uit elkaar, veel te gevaarlijk.

Niet iedereen is het met haar eens. Veel kinderen zijn in no time boven, of tenminste, zover als ze mogen, tot het blauwe lintje. Sommigen willen nog wel hoger, maar dat mag niet. Tot het lintje, door het gat, hangen en op de dikke mat vallen. Anderen houden het bij de derde sport. Als je dan door het gat kruipt, kun je al meteen met je voeten bij de grond. Niet heel spannend, maar voor sommige kleuters uitdagend genoeg. Of je begint laag en gaat steeds een beetje hoger. Ieder zoekt zijn eigen grenzen op. 

Het is sowieso een sportief stelletje, ook op het schoolplein. Er wordt gerend, in het huisje geklommen, rondgefietst en gevoetbald. Bij het voetballen gaat het vandaag af en toe een beetje te ruig. Er wordt wat geduwd, getrokken en soms lopen de gemoederen wat op.

"Juhuf...." Met een verontwaardigd hoofd staat Blond Bonkie voor mijn neus. Er is iets gebeurd dat niet door de beugel kan, dat zie ik zo. "Juf! Energiebommetje steekt zijn fiddelminger op!" En hoewel ik eigenlijk moet delen in de verontwaardiging van Blond Bonkie, schiet ik in de lach, ik kan het niet helpen. 
Zelf hoort hij ook dat er iets mis ging. "Energiebommetje steekt zijn fiddelmi... Energiebommetje steekt zijn fiddel... Energiebommetje steekt zijn fiddelminger... " Hij probeert het echt, elke keer zelf ook in de lach schietend om hoe gek het klinkt, dan weer serieus overnieuw beginnend met de zin. Het komt er niet uit. Ik doe ondertussen nog wat vergeefse pogingen mijn lachbui onder controle te houden, mijn collega naast me brengt het er niet heel veel beter vanaf. 



Ik help hem uit de brand. "Middel...." en Blond Bonkie maakt het af: "...vinger". We zijn het er over eens: dat hoort niet zo, je middelvinger opsteken is echt niet netjes en ook niet lief. Blond Bonkie vertrekt weer richting het voetbalveld met de opdracht tegen Energiebommetje te zeggen dat je middelvinger opsteken echt niet mag, dat doen we hier op school niet. Even later wordt er weer gebroederlijk gevoetbald, verontwaardiging is niet zo lang houdbaar bij Blond Bonkie, een mooie eigenschap wel.


Staartenmiepje staat met het touw in haar hand. Het wandrek was haar wat te heftig, maar dit wil ze nou toch wel eens proberen. Je handen hoog aan het touw en sterke armen maken, dan trek je jezelf naar boven. Na een paar bijna gelukte pogingen... ja hoor daar zit ze. Zacht slingert ze heen en weer. 

Nog een keer: nu heeft ze 'm echt door. En wat ze al eerder had gemerkt met tellen, blijkt ineens ook bij gym te werken: oefenen helpt! En hoe meer je oefent, hoe leuker het wordt. Alle touwen gaat ze af. Niet veel later slingert ze met een brede lach op het touw met de hoogste knoop. 

Als ik haar 's middags weer aflever bij haar moeder kan ik het bijna zien: ze is gegroeid!




woensdag 6 november 2024

Was het maar zo'n feest!

"Hé, Stoere Puber!" Stoere Puber staat te wachten bij de bushalte waar ik met mijn kleuters langsloop van de gymzaal terug naar school. 

We hebben voor het eerst dit schooljaar weer in de gymzaal gegymd en hoewel het een hele onderneming is, een kwartier heen lopen, een kwartier terug, hulpouders regelen, moeie kleuterbeentjes, losse veters, en af en toe een ruzietje en dan toch maar een wissel in loopmaatjes, zijn we toch blij dat we nu weer echt kunnen gymmen. In onze gymkleren, of een joggingpak ("Juf, Sij saat in se pinana simmen") en met echte coole gymdingen, zoals ringen.

Energiebommetje liep verplicht aan mijn hand, want zijn energie knalde er bijna uit vandaag en ik moet alle zeilen bijzetten om hem niet voor de rest van de dag kwijt te zijn. Hij wil niet met mij, maar met een vriendje, maar ik durf hem nog niet los te laten.

Tot er opeens van verder achter in de rij een gil en dan een huil klinkt; Watnouvier. Zij kneep eerst, dat weet ik bijna zeker, maar haar loopmaatje werd te boos en kneep ook. Hard. En nu willen ze niet meer samen lopen. En dus wend ik me tot energiebommetje. "Denk jij dat je met Watnouvier in de rij kunt lopen? Kan ik jou vertrouwen?" Energiebommetje knikt serieus. Hij voelt aan dat hij dit niet moet verbruien en geeft Watnouwvier een hand, loopmaatje komt bij mij.



Niet veel later heeft Watnouvier het voor elkaar. Zonder veel moeite windt ze hem als een volleerde verleidster om haar vinger. Energiebommetje heeft als een galante heer haar tas overgenomen. Eerst in zijn hand, maar dan kan hij haar niet meer bij de hand houden, dus dan maar op zijn rug. Een stoer energiebommetje met een prinsessentas. 

Stoere Puber ziet mij lopen, in mijn blaartrekkend gele vestje en gromt me een puberige maar niet onwelwillende groet toe. Hij hoort bij mijn andere leven, op mijn andere school in mijn woonplaats, waar ik het regelmatig met hem aan de stok had en ik niet alleen, maar waar ik toch ook altijd wel een soort zwak voor hem bleef houden. Omdat hij op hoog niveau sport, zit hij niet op een middelbare school in de buurt, maar op de school tegenover die van mijn kleuters, en af en toe komen we elkaar tegen.



Energiebommetje is de rest van de dag mijn vriend. Hij helpt me met opruimen, komt als ik hem roep en wil best even een foto van me maken als we in de buurklas aan het spelen zijn, waar een heerlijke bureaustoel staat. Ik neem het ervan en kijk vanuit mijn comfortabele positie naar mijn heerlijk spelende kleuters. Achterover hangend, benen op een krukje. En dan staat de nog behoorlijk verse directeur in de deuropening. En hij snapt het nog ook. Soms moet je je er helemaal niet mee willen bemoeien, maar alleen maar kijken. En dan noem je het gewoon observeren, goed bezig.

Meeloopmaatje is onder de indruk van Stoere Puber. Hij kijkt al lopend om, zijn ruzie met Watnouvier alweer vergeten. "Is dat jouw broer?"

Ik schiet in de lach en loop naar Stoere Puber toe. "Stoere Puber! Een van mijn kleuters vraagt of je mijn broer bent!"

Zijn norsige pubergezicht breekt open. "Nee," zegt hij met een brede grijns, "was het maar zo'n feest!"


woensdag 16 oktober 2024

Energiebommetje met een hart

"Energiebommetje.... STOP!"

Helemaal tot stilstand komt hij niet, maar hij mindert vaart en draait zich om. Achteruit loopt hij langzaam verder bij me vandaan, zijn hoofd op onweer. Ik versnel bijna onmerkbaar mijn pas, zodat ik wat dichterbij kom. 

"Die stopt niet hoor", zegt de gymmeester nog. "Iemand anders had zijn staartbal opgeruimd en dat wilde hij zelf doen." Ik hoor aan zijn stem dat hij het onzin vindt. De gymmeester houdt niet van gemiep. 

"Energiebommetje, ik zie dat je boos bent. Maar je bent niet boos op mij, dus je hoeft niet bij mij weg te lopen. Weglopen is gevaarlijk."

Het onweersgezicht blijft, maar de pas is eruit. Energiebommetje blijft staan en ik kan mijn arm op zijn schouder leggen. "Ik zie dat je boos bent, wil je me vertellen wat er gebeurd is?" Onwillig haalt hij zijn schouders op. "Klopt het dat jij graag zelf je staartbal had willen opruimen, maar iemand anders dat deed?" Het klopt. En nu is hij boos en verdrietig. 

Voor een groot mens, en zeker voor een gymmeester, lijkt zoiets misschien een futiliteit, en niet de moeite waard om een probleem van te maken. Maar Energiebommetje  krijgt best vaak te horen dat hij moet gaan zitten, stil moet zijn, rustig moet doen, moet stoppen met stoeien, sorry moet zeggen, iets anders moet gaan doen, moet luisteren. Maar hij is ook heel lief en behulpzaam, en helpen met opruimen is belangrijk voor hem. Dat zijn de momenten waarop de grote mensen om hem heen blij met hem zijn, en het zijn de momenten waarmee hij zijn zelfbeeld hoog houdt. 

Hij is niet eigenwijs, nu niet tenminste, hij is zichzelf staande aan het houden in de grote wereld.


"Het zou toch zonde zijn als jij nou een boze bui houdt vanwege die staartbal, terwijl we eigenlijk nog een leuke gymles aan het doen zijn. Er is nog een spelletje dat jij nog niet gedaan hebt. Als ik jou was zou ik nog even lekker mee gaan doen." Nog niet helemaal ontdooid, maar toch overtuigd, hobbelt hij naar het laatste spel: met een tennisracket met een bal erop een rondje lopen. Echt moeilijk. Maar hij doet weer mee, terwijl een ander groepje nu aan het overgooien is met de staartballen.

Als de gymmeester gefloten heeft, is het tijd om alles op te ruimen. 

Niet ver bij Energiebommetje vandaan heeft Minimeisje een staartbal in haar handen. Poppenkind loopt naar haar toe, trekt de bal uit haar handen en geeft hem een zwieper. De bal vliegt weg en Minimeisje kijkt hem beteuterd na. En daar gaan Energiebommetje, naar de staartbal. Er zijn nog meer kinderen onderweg, maar Energiebommetje is er als eerste en grist de bal van het veld. Kan 'ie toch nog een bal opruimen.

Maar dat doet hij niet. Met de bal loopt hij naar Minimeisje en geeft hem aan haar, zodat zij hem zelf op kan ruimen. Minimeisje huppelt weg, de bal in haar handen. Energiebommetje blijft achter, met tranen vlak achter zijn ogen, want hij had hem echt graag zelf opgeruimd. Maar zijn hart was groter dan zijn ego.

Niet veel later zit energiebommetje in de klas met zijn schrift voor zich. Hij schrijft. Hij schrijft letters die hij zelf nog niet kan lezen. Ik ook niet. Een M en lange kriebelstrepen komen op het papier. 

"Kom, we gaan echte woorden schrijven" Zachte Kijker trekt Energiebommetje mee naar de taalhoek en samen schrijven ze de woorden van de woordenmuur over. 

Het gaat ook nog wel een keertje mis vandaag. Als we naar binnengaan na het buitenspelen, blijft hij buiten, hij komt niet in de rij, maar rent weg bij mijn collega, en ik vertik er achteraan te rennen. Na 5 minuten, net als ik hem wil gaan roepen, komt hij toch binnen, schuldbewust. We hebben een gesprek over gevaarlijk, want wat als je hard zou vallen, over luisteren en over was het eigenlijk leuk, in je eentje buiten terwijl wij allemaal al binnen waren? Nee, dat ook eigenlijk niet. En als ik zeg dat hij nog wel even sorry moet zeggen tegen de juf waar hij van wegliep, doet hij dat met heel zijn hart. 


Eigenlijk houdt iedereen van Energiebommetje. Hij is veel te druk, en we worden vaak erg moe van hem. Hij kan geen twee minuten op zijn stoel zitten en hij maakt veel lawaai. En hij doet ook wel vaak kinderen pijn, maar dan heeft hij altijd spijt. En hij is het beste van iedereen in de klas in helpen en in troosten. En zijn hart, dat zit precies op de goeie plek.

woensdag 9 oktober 2024

Balansdag


Ik had het ze al verteld: de dag was een beetje anders dan anders. Het zijn geen grote veranderingen, maar het is toch fijn om het even te weten. De gymles wordt vandaag niet gegeven door de gymmeester, maar door de stagiaire. Ze heeft leuke dingen bedacht: mikken, en tikken, en balanceren, op een
hindernisbaan. 


"Makkie!" Ja, dat denk je, dat dat een makkie is. Maar het is toch best lastig, en bovendien heel leuk. Over een touw, over de stapstenen en over plaatjes van handen en voeten. Waar een hand staat, moet je hand ook op de grond, en waar een voet staat... precies! We balanceren en wiebelen over de hindernisbaan heen. Als je klaar bent nog een rondje, en nog een. Na 5 rondjes is het nog steeds leuk, geslaagde gymles dus.

In de klas is het gezellig. We hebben een nieuw thema, herfst in het kabouterbos, en in de kabouterhoek zijn een paar kabouters met puntmutsen herfstschatten aan het sorteren. Kastanjes bij kastanjes, eikels bij eikels, beukennootjes bij beukennootjes. Je kunt er maar druk mee wezen.


Als ik omkijk, zie ik... ja, wat zie ik eigenlijk? Ik schiet in de lach en maak een foto. Nu Maarikwildatmeisje een dagje bij oma is, komt Blond Bonkie tot heel ander spel dan anders. Niet achter elkaar aanrennen, niet stoeien, niet heel veel lol met heel veel lawaai, maar een ontdektocht in de klas. En met de dieren kun je gewoon dierentuin spelen, maar ook een paddenstoel maken en... ze ophangen aan de tafel! Keurig in balans hangen daar een leeuw, een olifant, twee tijgers, een gorilla en een nijlpaard, met daarachter een Blond Bonkie dat uitermate tevreden naar zijn werk kijkt.

Ergens anders in de klas zijn minimeisje en Glimoogmannetje een toren aan het bouwen. Het wordt een hoge toren. Kan 'ie nog hoger? Minimeisje staat op haar tenen om nog een blok te stapelen, maar veel hoger wordt het niet zo. Glimoogmannetje had nog wel een stukje hoger gekund, maar die is meer van de hand- en spandiensten. Aanreiken, aanmoedigen en vasthouden. Maar Minimeisje is van binnen groter dan ze er van buiten uitziet, en ze zit vol goeie ideeën. Ze sleept een stoel naast de toren en klimt erop.



Ze heeft een duidelijk doel voor ogen: De toren moet hoger worden dan de stagiaire lang is. Regelmatig wordt even gemeten. Glimoogmannetje houdt de toren vast en Minimeisje dartelt de stoel op en af om verder te bouwen. Nog een paar blokjes! Maar de boel wiebelt vervaarlijk, en telkens nét voor de gewenste hoogte bereikt is, valt de toren om. Ze beginnen wel vier keer opnieuw, na een poosje geholpen door Zachte Kijker die me zo aan mijn zoon doet denken en die veel meer inzicht heeft. De onderkant breder, de bovenkant steviger... Aan veerkracht ontbreekt het ze niet, wel aan balans. En aan tijd, we moeten opruimen. Jammer, maar het geeft niet, we hebben wel erg lekker gebouwd.

Aan het eind van de dag zitten we nog even in de kring. Als ik vraag wie wat wil vertellen over hoe de dag was, is de conclusie vrij algemeen: fijne dag. Veel duimen gaan omhoog. Het buitenspelen was leuk, de gymles was leuk, het bouwen was leuk, en eigenlijk waren we zelf wel reuzegezellig. 

Soms is de dag gewoon, op de torens na, in balans.






donderdag 12 september 2024

Op het puntje van mijn tong

Er zijn van die dagen die vanzelf lijken te gaan. Dagen waarop alles klopt en alles stroomt.

Vandaag is zo'n dag. De kinderen komen binnen en gaan gewoon meteen zitten in de kring, al dan niet met een boekje op schoot. En als ik zeg dat het tijd is om de boeken weer op te ruimen, dan zijn ze ook in mum van tijd weer weg.

De letter van de week is de v. De v van vis en vlinder en voet en vuur.... We zitten in de kring en we bedenken nog meer woorden met de v. Vlieg, vlag, vogel....

"Ik weet er nog eentje juf! Juf Yvvvvonne!" Hij heeft gelijk, ik heb een v, knap!

Floep, daar gaat energiebommetje, van zijn stoel, de kring uit, de leeshoek in. 

Het ligt op het puntje van mijn tong: "Energiebommetje, ga zitten!"

Maar ik slik het in. Laat maar even gaan. En  niet veel later staat hij enthousiast voor mijn neus, net als ik mijn v-activiteit wil stoppen. "Juf! Ik heb een V gevonden!" We bekijken de voorkant van het boek: de vriendjesbank.  

Wat een geluk dat ik hem heb laten gaan! "Kijk eens jongens, wat Energiebommetje heeft gevonden!"  Ik lees heet prentenboek met de v helemaal voor., met een stralend Energiebommetje, keurig op zijn stoel. 

Het spelen en werken verloopt probleemloos. Iedereen is heerlijk bezig, samen of alleen, zonder ruzie, zonder herrie. Ik observeer en geniet. Geleerd van een wijze oude kleuterjuf: Je moet soms gewoon tijd nemen om te zitten en te kijken naar je kinderen.

"We gaan snel alles opruimen en dan kom je met je stoel in de kring!" Ook het opruimen gaat sneller dan anders, en al snel staan de eerste stoeltjes klaar. Maar niet in de kring, zoals ik had gezegd. Het begon met twee stoelen achter elkaar, iemand zette zijn stoel erachter, nog iemand, en al snel stond er een heel rijtje.

Het ligt op het puntje van mijn tong: "Jongens, in de kring had ik gezegd, kom op!

Maar ik slik het in. Ik zing: "Een treintje ging uit rijden, van Amsterdam naar Rotterdam" En niet veel later zit de hele klas achter elkaar te zwaaien, te klappen en te wapperen met de handen, van Zie, Za, Zo!" 

Als ik het genoeg vind, leg ik mijn vinger op mijn lippen, en ze kijken me verwachtingsvol aan. Zacht zeg ik: Zet snel je stoel in de kring, dan kijk ik wie zijn tas kan pakken." En hop daar gaan ze. Hoeveel tijd heeft het gekost? Twee minuten, drie misschien. En we kennen nog een nieuw liedje ook.

De dag kabbelt gemoedelijk voort. Met een gymles op het plein en wat langer blijven buitenspelen, want het is zo gezellig met groep 3, waarvan een deel vorig jaar nog bij ons in de klas zat. Met open armen ontvangen ze elkaar en mij, want we missen elkaar best een beetje. Ellobellomeisje, die toch al ruim een jaar niet meer mijn kleuter is en groep 3 nog een keertje doet, omhelst me en verzucht: "Ik heb jóú het állerliefste gemist!"

In de klas kleien en schrijven we de 2. Eerst rond, dan schuin naar beneden, STOP! Een puntje en opzij. Als je het puntje vergeet, wordt het geen 2, maar een omgekeerde s. Best moeilijk, maar we kunnen het en we zijn trots. 


Je krijgt er wel honger van, van al dat werken. We eten de eerste 10 minuten stil, de timetimer aan, we bemoeien ons even alleen met ons eten. Ik heb een salade bij me met een zakje saus. Voorzichtig knip ik het open en knijp ik in het zakje. Met een boogje dat me doet denken aan "juf, mag ik plassen?" spuit het rode goedje over mijn eten. Mijn volwassen hoofd registreert en negeert het. Maar naast me hoor ik een ingehouden giechel. Het zal toch niet... Energiebommetje mist niks. Ook geen straaltjes saus die ergens anders op lijken. Hij kijkt me aan, zijn gezicht bijna in de plooi. En dan schieten we samen onbedaarlijk in de lach, tranen over onze wangen, een heerlijk
samenlolmomentje waar de rest helemaal niets van snapt. 

Even later zet ik een filmpje op, Brum. Het is nog net zo'n succes als bij mijn kinderen. Sommige dingen worden niet ouderwets. Energiebommetje pakt zijn stoel en zet hem vlak voor het digibord.

Het ligt op het puntje van mijn tong: "Energiebommetje, zet je stoel eens wat verder naar achteren."

Maar ik slik het in. Ik laat hem zitten, af en toe opstaan, en weer zitten, en volledig opgaan in het spannende verhaal, de kleine dappere auto aanmoedigend: "Kom op Brum!" 

Ik denk aan de wijze oude kleuterjuf: zitten en kijken. 

En ik neem mij voor wat vaker in te slikken wat er op het puntje van mijn tong ligt. 

vrijdag 6 september 2024

Onder de tafel

 "Ah... nu snap ik het.... Jij wilde op je moeder lijken...". Ik kijk naar de met tatoeages bedekte armen van de dame die haar dochter komt ophalen van school.

Er was iets misgegaan in de klas, En nu loop ik toch maar even samen met Maarikwildatmeisje naar haar moeder. Gelukkig kent die haar kind wel een beetje en na de eerste schrik schiet ze in de lach.

Het was net die ene dag van de week dat het regende. We hadden nog wel buiten kunnen gymmen, dat was fijn, maar gedurende de gymles ging het wel steeds harder regenen. Met natte koppies kwamen we weer op school, die van Energiebommetje het allernatst. Hij had bij de schuurtjes op het plein een waterstraaltje ontdekt dat van het schuine dak naar beneden stroomde. Onweerstaanbaar.

De rest van de dag was een binnendag. We speelden binnen, zaten in de kring, zongen, speelden weer binnen, en nog langer binnen. Op zo'n dag mis ik toch het buiten zijn, en de kinderen ook. Ze worden wat drukker, luisteren wat slechter, moeten toch op de een of andere manier hun energie kwijt. 

En zo vond ik Maarikwildatmeisje onder de tafel in de taalhoek, met een grote lach op haar gezicht. De taalhoek met houten letters, met woorden om na te schrijven, met stempels... en dus ook met stempelkussens, een rode en een zwarte. En die zwarte was met Maarikwildatmeisje onder de tafel beland. 



Het had veel erger gekund. Haar kleren hadden er helemaal onder kunnen zitten, haar gezicht, de stoelen en tafels, de vloerbedekking, andere kinderen... Dus eigenlijk viel het nog best een beetje mee.

Maar toch loop ik maar even met haar mee naar haar moeder, om te vertellen dat we al flink hebben gepoetst, en dat dit het resultaat is. Misschien moeten ze maar even naar het zwembad.

woensdag 28 augustus 2024

Helemaal zelf

Tuurlijk, de vakantie had best nog een poosje mogen duren. Een wekkerloos leven is heerlijk, en 6 uur is best vroeg. Maar als ik dan om kwart voor 7 door het buitengebied fiets, omringd door ochtendnevel en opkomende zon, dan is dat vroege uur helemaal niet zo erg meer.


En als ik mijn kleuters zie binnendruppelen, glunderend en op hun gemak, dan weet ik weer hoe heerlijk mijn werk is. 
We beginnen deze week met een inloop. Niet in de kring, maar gewoon lekker spelen met waar je zin in hebt. Er moet nog niks, geen weektaak, geen verplichte werkjes, je pakt wat je leuk lijkt. 

We zijn verhuisd van lokaal, en we hebben nu het mooiste en fijnste kleuterlokaal, bofferds zijn we. We hebben de huishoek, een deur naar de wc in onze klas, maar aan een kant buren en het koffiezetapparaat met kletsende juffen en meesters is een stukje verder weg. En het lijkt ook wel een beetje groter. Maar dat kan ook komen doordat groep 2 van vorig jaar nu groep 3 is, en we beginnen met 18 kinderen.

Ze zijn groot geworden. Blond Bonkie was het hele afgelopen jaar een uit de kluiten gewassen peuter, maar nu hij 5 is, is hij groot. Nog wel uit de kluiten gewassen, maar op en top kleuter, niks peuterigs meer aan.
Energiebommetje is nog steeds een energiebommetje, maar lijkt een iets makkelijker te geleiden projectiel, Opwindpoppetje heeft een zelfopladend motortje gekregen en Maarikwilditmeisje.... nou ja, Maarikwilditmeisje wil nog steeds precies wat ze wil en niet iets anders.



Blond Bonkie en Maarikwilditmeisje spelen een spelletje. Wie het eerste twee dezelfde plaatjes op de kaartjes ziet, mag het kaartje van het stapeltje houden. Ik sta er van een afstandje naar te kijken. Ze zitten rustig tegenover elkaar aan de tafel, ondenkbaar vorig jaar, en hebben lol. Totdat Blond Bonkie net iets sneller is en het kaartje van het stapeltje pakt. 
"NEEEEEEEEE! IK WIL DIEIEIEIE!" Driftig rukt Maarikwildatmeisje het kaartje uit de handen van
Blond Bonkie, en zijn eigen kaartje ook. Blond Bonkie bekijkt het beteuterd en ik besluit dat het tijd is om in te grijpen.
"Ho, stop, wie spelletjes speelt, kan ook verliezen, en als je in groep 2 zit ben je groot, dus dan ga je niet zo hard schreeuwen." "MAAR IK WIL DAT NIEIEIEIEIET!" luttele seconden later vliegen de kaartjes door de klas. En nog een paar tellen verder zit Maarikwildatmeisje niet meer bij de tafel, maar op het krukje bij de deur. Als je klaar bent met schreeuwen mag je weer binnenkomen, en dan ga je eerst de kaartjes opruimen.
Als Maarikwilditmeisje klaar is met schreeuwen, maar nog niet klaar genoeg om binnen te komen, vraag ik hoe dat thuis gaat, als ze spelletjes speelt.

"Daar gebeurt dat nooit!", zegt ze nasnikkend. "Thuis win ik altijd." 
Helaas, hier kan dat niet, soms win je en soms verlies je. En hoewel ze het niet met deze theorie eens is, besluit ze dat het toch wel een goed moment is om weer binnen te komen.

De dag verloopt verder heerlijk rustig en gezellig, de vorig jaar nog kleintjes voelen zich groot en mijn twee nieuwe nogmaarnetkleuters draaien mee of ze hier al tijden rondlopen.

Handenbindertje is ook gegroeid. Hij blijft nog steeds graag in mijn buurt, heel gezellig, en af en toe komt hij even kletsen, maar hij zit niet meer zo aan me vastgeplakt. En als hij 's middags zijn kalenderplaat voor als hij jarig is moet afmaken, eerst je hoofd, dan je naam en je verjaardag en dan je hoed op een groot papier plakken, dan kan hij dat al helemaal zelf.

Ik weet het zeker: dit wordt een leuk jaar.