woensdag 28 augustus 2024

Helemaal zelf

Tuurlijk, de vakantie had best nog een poosje mogen duren. Een wekkerloos leven is heerlijk, en 6 uur is best vroeg. Maar als ik dan om kwart voor 7 door het buitengebied fiets, omringd door ochtendnevel en opkomende zon, dan is dat vroege uur helemaal niet zo erg meer.


En als ik mijn kleuters zie binnendruppelen, glunderend en op hun gemak, dan weet ik weer hoe heerlijk mijn werk is. 
We beginnen deze week met een inloop. Niet in de kring, maar gewoon lekker spelen met waar je zin in hebt. Er moet nog niks, geen weektaak, geen verplichte werkjes, je pakt wat je leuk lijkt. 

We zijn verhuisd van lokaal, en we hebben nu het mooiste en fijnste kleuterlokaal, bofferds zijn we. We hebben de huishoek, een deur naar de wc in onze klas, maar aan een kant buren en het koffiezetapparaat met kletsende juffen en meesters is een stukje verder weg. En het lijkt ook wel een beetje groter. Maar dat kan ook komen doordat groep 2 van vorig jaar nu groep 3 is, en we beginnen met 18 kinderen.

Ze zijn groot geworden. Blond Bonkie was het hele afgelopen jaar een uit de kluiten gewassen peuter, maar nu hij 5 is, is hij groot. Nog wel uit de kluiten gewassen, maar op en top kleuter, niks peuterigs meer aan.
Energiebommetje is nog steeds een energiebommetje, maar lijkt een iets makkelijker te geleiden projectiel, Opwindpoppetje heeft een zelfopladend motortje gekregen en Maarikwilditmeisje.... nou ja, Maarikwilditmeisje wil nog steeds precies wat ze wil en niet iets anders.



Blond Bonkie en Maarikwilditmeisje spelen een spelletje. Wie het eerste twee dezelfde plaatjes op de kaartjes ziet, mag het kaartje van het stapeltje houden. Ik sta er van een afstandje naar te kijken. Ze zitten rustig tegenover elkaar aan de tafel, ondenkbaar vorig jaar, en hebben lol. Totdat Blond Bonkie net iets sneller is en het kaartje van het stapeltje pakt. 
"NEEEEEEEEE! IK WIL DIEIEIEIE!" Driftig rukt Maarikwildatmeisje het kaartje uit de handen van
Blond Bonkie, en zijn eigen kaartje ook. Blond Bonkie bekijkt het beteuterd en ik besluit dat het tijd is om in te grijpen.
"Ho, stop, wie spelletjes speelt, kan ook verliezen, en als je in groep 2 zit ben je groot, dus dan ga je niet zo hard schreeuwen." "MAAR IK WIL DAT NIEIEIEIEIET!" luttele seconden later vliegen de kaartjes door de klas. En nog een paar tellen verder zit Maarikwildatmeisje niet meer bij de tafel, maar op het krukje bij de deur. Als je klaar bent met schreeuwen mag je weer binnenkomen, en dan ga je eerst de kaartjes opruimen.
Als Maarikwilditmeisje klaar is met schreeuwen, maar nog niet klaar genoeg om binnen te komen, vraag ik hoe dat thuis gaat, als ze spelletjes speelt.

"Daar gebeurt dat nooit!", zegt ze nasnikkend. "Thuis win ik altijd." 
Helaas, hier kan dat niet, soms win je en soms verlies je. En hoewel ze het niet met deze theorie eens is, besluit ze dat het toch wel een goed moment is om weer binnen te komen.

De dag verloopt verder heerlijk rustig en gezellig, de vorig jaar nog kleintjes voelen zich groot en mijn twee nieuwe nogmaarnetkleuters draaien mee of ze hier al tijden rondlopen.

Handenbindertje is ook gegroeid. Hij blijft nog steeds graag in mijn buurt, heel gezellig, en af en toe komt hij even kletsen, maar hij zit niet meer zo aan me vastgeplakt. En als hij 's middags zijn kalenderplaat voor als hij jarig is moet afmaken, eerst je hoofd, dan je naam en je verjaardag en dan je hoed op een groot papier plakken, dan kan hij dat al helemaal zelf.

Ik weet het zeker: dit wordt een leuk jaar.

woensdag 10 juli 2024

Ontploft

"Juf! De bal is ontploft!"

Ik dacht nog, het zal wel meevallen, de bal zal lek zijn, of er zal een naadje loszitten, misschien komt de binnenbal een beetje naar buiten puilen. 

Maar hij houdt het vol, de bal is ontploft. Zachte Goeierik heeft hem op de weg geschopt en toen kwam er net een bus aan. Ik heb geen knal gehoord, maar als ik de bal zie liggen op straat, ben ik blij dat we een hek hebben en dat de kinderen heel goed weten dat ze daar niet overheen mogen. Met mijn sleutel open ik de poort en ik loop, omzichtig uitkijkend, de weg op om de zielige overblijfselen van de bal van straat te rapen. 

"Wat denken jullie? Kunnen we die nog weer maken?" Nee, dat zien ze nog wel met hun ogen dicht, die is rijp voor de vuilnisbak. Zachte Goeierik kijkt me een beetje afwachtend aan, met een onzeker glimlachje onderzoekend of hij in de problemen komt. Welnee, ongelukjes gebeuren nou eenmaal. 

Er is meer kapot vandaag. Mijn stem bijvoorbeeld. Niet ideaal in een klas vol kleuters, maar wat doe je eraan? Een muziekinstrumentje pakken om de aandacht te vragen, wat assistentie inschakelen en de dag zo rustig mogelijk doorkomen, met een extra filmpje en een stapel kleurplaten. Iedereen is moe en heeft het warm, we mogen het onszelf best een
beetje makkelijk maken.

Het is mijn laatste dag voor de vakantie met deze kleuters. Een deel zie ik volgend jaar weer in mijn klas. Groep 1 wordt groep 2, de jongsten worden groep 1. Maar voor veel kinderen is het een echt afscheid, na de vakantie zitten ze in groep 3. Ik ga ze missen, al zullen ze heus zo nu en dan een knuffel komen halen. 

De klas wordt steeds leger, kunstwerken gaan mee naar huis, en ook de zeehondjes van onze deur. Volgend jaar hebben we nieuwe zeehondjes, ze zijn al gekleurd en ik lamineer ze. Zelf heb ik vanochtend voor schooltijd ook een zeehondje gekleurd. Maar gek, die kan ik nergens meer vinden.

Ik zoek me suf, zo tussen de bedrijven door. In de tassen onder het bureau? tussen de andere zeehonden? In mijn agenda, in de map? Heeft mijn collega 'm per ongeluk meegepakt? Ik snap er niks van. Hij is van de aardbodem verdwenen. 

Na schooltijd kleur ik een nieuw zeehondje. En dan komt er een appje binnen van een collega. Zij heeft het lamineerapparaat in de klas, maar hij doet het niet. Er lijkt iets in te zitten....

Ik denk dat mijn zeehondje terecht is, maar net als de bal niet meer te repareren. Ik hoop dat onze steun-en-toeverlaat die alles kan repareren het lamineerapparaat weer aan de praat krijgt, maar voorlopig zet ik hem maar weer op z'n plek, met een briefje erop.


Maar hoeveel er ook kapot is vandaag, het jaar is rond. 40 schoolweken, 15 blogs, af en toe een zucht of een boze blik, maar vooral ontelbaar veel knuffels, liefde en plezier. Aan dit jaar hoeft niets gerepareerd te worden.


 


vrijdag 28 juni 2024

Knuffels

Hij is een handenbindertje. Niet dat hij lastig is, of druk, helemaal niet zelfs. Het is een rustig ventje en hij vindt alles wat we doen leuk. Hij doet mee, en als hij het nog een beetje te spannend vindt, zoals gym in de gymzaal, dan kijkt hij, genietend, zich verkneukelend soms, en altijd bij me in de buurt.

"Als je je eten en drinken op hebt, mag je je tas opruimen en naar buiten gaan."
"Ik ga wachen op jou."
"Je mag al naar buiten gaan. Er zijn andere juffen buiten."
"Jai kom ook zo ha?"

Ja, ik kom ook zo. Maar eigenlijk blijft hij liever even wachten.. 
Als ik dan toch eindelijk buiten kom, voel ik meteen een handje in mijn hand.
"Ik blaif bai jou ha? Ik blaif altaid bai jou."

Keuvelend in zijn nog peuterige taaltje wandelt hij naast me, wijzend naar wat hij ziet. De kinderen die in het zand spelen, de voetbal die over het hek vliegt (Dat is gek ha?) en klasgenoten die in volle vaart rondjes crossen op hun fietsjesa (Heel hat ha?). 


Hij laat mijn hand niet los. We lopen rondjes en het bevalt hem uitstekend. Zijn kleine rechterhand in mijn grote linker. Af en toe komt zijn linkerhand er even bij, om mijn hand te aaien. Als ik ga zitten, zit hij naast me en als ik opsta, komt hij ook overeind.

"Nu ga ik even naar de wc Handenbindertje, en dat ga ik echt even alleen doen." Dat mag wel. 

"Ik ga op jou wachen. Ik ga wachen bij jou deur ha?" 

"Nee, jij mag even buiten blijven. Er zijn andere juffen buiten, kijk maar."  Hij stemt in. Als ik terugkom, heeft hij mijn hand weer te pakken, nog voor ik over de drempel ben. 

Hij heeft het nodig, de nabijheid, de knuffels. Is het handig? Nee, niet echt. Wel reuzegezellig. En het zal vanzelf minder worden. Hij durft al alleen naar de wc, hij speelt soms al een poosje alleen, en hij heeft zelfs al een beetje meegedaan met de gymles.

We kijken een poosje naar de waterbaan. Als er iemand pompt, stroomt er water door de houten bakken. Iemand maakt een bal schoon, een ander wil een gietertje vullen. De bal rolt op de grond. "O nee ha
juf.... hai is weer vies ha?" Ja, nu is 'ie weer vies. Alles is de moeite waard om over te praten, en elk moment is een goed moment voor een knuffel.

Een collega vroeg het pas aan een gedragsspecialist tijdens een studiedag. Wat doe je met kinderen die telkens bij je komen hangen en knuffelen? 

"Terugknuffelen", zei ze. "Kennelijk is het nodig, anders kwamen ze niet."

En dat doe ik dus. Ik beantwoord de knuffels. Knuffels zoals die van mijn handenbindertje, maar ook bijnainmewegkruipknuffel van het meisje dat 's ochtends als ze op school komt al een paar ruzies van haar grote broers  heeft overleefd, de goedmaakknuffel van de jongen die net boos op me was die niet wilde luisteren, de vrolijke jufikvindjezoliefknuffel van een bijnanietmeerkleuter.


En ik beantwoord ook de plakknuffel van het meisje dat aan iedereen plakt. Aan mij, aan een invaller, aan mijn dochter die een keer meekomt, aan iedereen. Ik stuur haar niet meer weg: hup, spelen jij! Eerst krijgt ze een dikke knuffel terug, want als ze het niet nodig had, kwam ze niet. En hoe meer ik haar voed met warme, gemeende knuffels, hoe minder ze ze nodig lijkt te hebben. 

Handenbindertje zit naast me, zijn armen om mijn arm gevouwen. "Ik vin jou heeuw lief" 

Ik vind hem ook lief, dit handenbindertje. Heeuw lief.