zaterdag 3 november 2018

Dan worden de lijntjes dikker!

Pas geleden hadden wij met alle scholen van Scholengroep Gelderveste een studiedag over laaggeletterdheid en dyslexie. Een onderwerp dat raakt, want wie niet goed kan lezen en schrijven, heeft met recht een beperking. Wat een voorrecht is het om te mogen bijdragen aan het verminderen van het aantal kinderen dat met een laag leesniveau van school gaat! Ik moest denken aan een jongetje uit een groep 3, een jongetje dat me raakte door zijn positieve houding. Hij wist wat hem te doen stond: hij ging goed leren lezen, want hij had een doel!

"Ja, zo doet mama het!"
Het jochie van 7 bij mij aan tafel was enthousiast, hij herkende wat ik voordeed. Ik daarentegen, ik moest me even ongezien herstellen. Even daarvoor hadden we het gehad over waarom het nou handig is om "zingend te lezen". Deze jongen, en ook de andere jongen in ons gezelschap, bleef nog hangen in het hakken en plakken (h-a-k....hak) Dat lukt met kleine woorden, maar als je moeilijkere dingen, langere woorden, gaat lezen, wordt het een beetje ingewikkeld. Ik had er een boekje bij gepakt en las: "ei-g-e-n-l-ij-k...… ehm…. w-a-s... was..." En zo doet mama het dus.

Ik liet niet merken dat ik even van mijn  à propos was, en zei: "O, dus mama vindt lezen ook best moeilijk?" Dit beaamde hij. "Ja, dat gebeurt wel vaker, grote mensen vinden lezen soms ook echt nog moeilijk. Dat geeft niet, maar het is wel handig als jullie het makkelijker gaan kunnen" We hadden het over leuke boeken met spannende verhalen, over spelregels, gebruiksaanwijzingen en boodschappen doen.

Wat ik de  jongens vertelde is waar: meer volwassenen hebben dat. Zo'n 18% van de volwassenen in Nederland heeft grote moeite met lezen en/of schrijven, is te lezen op de website van Stichting lezen en schrijven. Zij kunnen lezen, maar op een dusdanig laag niveau dat ze daar ernstige hinder van ondervinden in het dagelijks leven. Brieven van school lezen is moeilijk, voorlezen aan je kinderen is moeilijk, de weg vinden, reizen met het openbaar vervoer, werken met de computer... allemaal dingen die vanzelfsprekend zijn als je gewoon gemakkelijk leest. 18 %... Dat is veel.

Ze werkten hard, dit jongetje, en dat andere jongetje ook. Ze keken op het door de juf gemaakte schema, en deden wat er stond, extra leesoefeningen met de juf, alleen, spelletjes met zijn tweetjes, en oefenden ook op de computer, op school, maar ook thuis, Want mama vond lezen wel moeilijk, maar ze vond het ook heel belangrijk dat haar kind het beter leerde dan zij. Af en toe, als ik een kwartiertje over had, pikte ik de beide jongens even op uit het lokaal.
Als je oefent, en oefent, en oefent, dan wordt het 
dikker, en dikker en dikker. 
"Kom, we gaan nog even lezen".
We oefenden het zingend lezen met de woorden in het klikklakboekje: zzzzzeeeeeffff. Eerst las ik het rijtje, dan deden we het samen, en dan de jongens, om de beurt. Ik vertelde ze over hersencellen, en verbindingen daartussen, en dat oefenen de verbindingen sterker maakt, zodat ze nooit meer weggaan. Ik tekende de verbindingen op een papiertje: kijk, eerst is er een dun lijntje, en als je niet blijft oefenen, dan is dat zo weer weg. Maar als je oefent, en oefent, en oefent, dan wordt het dikker en dikker en dikker, en er komt een beschermlaagje omheen, net als het laagje plastic om een snoer.
(zie ook Met je viool op een geitenpaadje)

Na een vakantie, we hadden elkaar een poosje niet gezien, vroeg ik of ze wisten waarom het zo belangrijk was om mee te lezen als de ander aan het lezen was. "Ja," riep het jongetje, "want dan worden de lijntjes dikker!"

Deze jongen, die wordt later waarschijnlijk geen professor, geen ingenieur, en ook geen econoom.
Misschien wordt hij wel vrachtwagenchauffeur, maar wel een die de weg kan vinden op de kaart, ook als de Tomtom het niet doet. Of hij wordt den heel goede fietsenmaker, die met gemak onderdelen kan bestellen en facturen naar zijn klanten kan versturen. Of hij wordt een elektromonteur, die zonder moeite de gebruiksaanwijzing van een nieuwe cv-ketel kan lezen.
In ieder geval, dat weet hij nu al, wordt hij vader. en niet zomaar eentje, vertelde hij me met blije schitterogen.

"Later als ik groot ben, ga ik mijn kinderen ELKE dag voorlezen!"

woensdag 3 oktober 2018

Een beetje jarig

Er zijn van die beslissingen die je neemt, en die verstrekkende gevolgen hebben. Levensveranderend kunnen ze zijn.
Een glaasje whisky aannemen bijvoorbeeld. Dat was met afstand de meest verstrekkende beslissing ooit. Zonder dat eerste glaasje whisky, in mei 1994, was ik nu niet al bijna 18 jaar getrouwd met de liefste en leukste man die ik me kan wensen.
Of je vakkenpakket, je studiekeuze, de keuze naar welke middelbare school je gaat... de keuzes waar onze kinderen midden in zitten. Leuke, maar behoorlijk omvattende keuzes zijn het. Want als je geen wiskunde B kiest, welke wegen sluit je dan af? En hoe definitief is dat? En wat als je uitgeloot wordt voor studie 1, wat is dan studie 2?

Vorig jaar nam ik ook zo'n beslissing. Ik besloot, na lang twijfelen, om op celloles te gaan. Vandaag precies een jaar geleden had ik mijn allereerste les. En dus ben ik, samen met de allerliefste cellojuf en innigste vriendin, vandaag een beetje jarig.
Een cello is een lekker instrument om mee te beginnen als je een beetje onzeker bent. Je kunt er achter wegkruipen tot je je stoer genoeg voelt om tevoorschijn te komen. En je kunt hem omarmen, koesteren. Een lief, warm, menselijk instrument,

Voor ik op les ging, had ik er geen idee van hoe groot deze beslissing eigenlijk was. Hoe bijzonder het is, om iets helemaal vanaf het begin te leren. Ja, tuurlijk, ik kon noten lezen, na jaren blokfluitles en nog veel meer jaren koorervaring. Maar een bassleutel maakt het dan ineens weer knap ingewikkeld. Waar de d zat, zit nu de f, en waar de f zat, zit nu de a. En waar bij een blokfluit de handen en vingers min of meer hetzelfde doen, doen nu beide handen iets volledig anders, en allebei verrekte moeilijk.

Alle vormen van mindset komen voorbij, na een jaar nog steeds. Van keihard vastgenagelde fixed mindset, dikke paniek bij iets nieuws, of nog erger, als iets na 2 of 3 of 4 keer oefenen niet lukt, en na heel veel vaker nog STEEDS niet. Via lachen om mijn eigen fouten, via vingers in de knoop, via links en rechts die niet tegelijk aangestuurd willen worden, via frustraties en niet opgeven, naar nog een keer proberen, eerst langzaam, eerst pizzicato, naar elke keer een stapje verder, naar vragen hoe ik iets moet oplossen, of aan de 'juf' of aan mijn zoon, mijn grote voorbeeld, naar een pokoneske groeimindset.

Na een jaar speel ik wat ik nooit verwacht had te kunnen spelen, en zeker niet al na een jaar. En na een jaar heb ik er een grote liefde bij, de liefde voor een heerlijk instrument, en voor het oefenen, onder de knie krijgen, steeds meer kunnen. Bijna elke dag komt 'ie uit zijn hoekje, speel ik even, of langer, of lang..... 4e positie, lage eerste vingers, hoge 4e vingers, ik kan het gewoon. Nog niet vlekkeloos, en niet altijd zuiver, maar ik kan het.

Nu nog vibrato. Want als ik samen met mijn zoon speel, dan kan hij dat al wel heel mooi...

zaterdag 8 september 2018

Een nieuwe weg op een oude plek

Op het aanwezigheidsbord in de hal van de pabo in Utrecht, de lerarenopleiding voor het basisonderwijs waar ik ruim 20 jaar geleden mijn diploma in ontvangst nam, staan nog maar een paar namen die ik herken. Wat Oooh-ja-vaag-bekend-namen, een paar Goh,-nog-steeds,-of-zou-het-familie-zijn-namen, en een enkele naam die dierbare herinneringen oproept aan een verwarrende tijd waarin ik op een heel andere volgorde en manier dan mijn leeftijdgenoten volwassen werd en aan de grotemensenwereld wende.
De meeste namen zeggen me niets, zijn van  'na mijn tijd'.
Lopend door het gebouw, zoekend naar het lokaal dat aangegeven staat op het plasmabord, herken ik ook weinig van de gangen van vroeger. Het gebouw heeft een aantal jaren geleden een metamorfose ondergaan, en ik moet mijn best doen om me te herinneren hoe het ook alweer was. Recht tegenover de ingang was de zaal waar hoorcolleges werden gegeven, aan de rechterkant zat handvaardigheid, op de derde verdieping Nederlands, en links onderin het muzieklokaal waar ik met speels gemak een 10 haalde voor blokfluiten, want ja, dat deed ik al jaren.
Het lokaal waar ik moet zijn, zit op een plek die er vast toen ook al was, maar ik weet niet wat er toen zat. Zo te zien wordt er geschiedenis gegeven, er hangt een tijdlijn met plaatjes erop (Tijdens ELKE geschiedenisles MOET je een tijdlijn gebruiken, hoor ik mijn geschiedenisdocent zeggen) en een poster van de Canon van de Nederlandse Geschiedenis.

Vandaag zit het lokaal vol met zo'n 25 mensen die net als ik hun pabo-diploma al lang hebben. Met zijn allen beginnen we een nieuw avontuur, het avontuur van een opleiding tot intern begeleider. Een groep van mensen die elkaar niet kennen, en die dit jaar samen gaan optrekken om nieuwe dingen te leren. Deze eerste dag wennen we aan elkaar, en aan wat we allemaal gaan doen. Onzeker voelt het nog een beetje, voor mij in ieder geval, maar ook leuk, spannend, onzeker, en enigszins overweldigend. Ik weet dat ik mij dit jaar ver, heel ver, buiten mijn comfortzone ga begeven. Ik weet dat er momenten komen dat ik denk dat dit me niet gaat lukken, dat ik niet durf, In dit gebouw waar ik de weg niet meer weet, waar mensen rondlopen die ik niet meer ken, sla ik een nieuwe weg in, teken ik nieuwe paadjes bij op mijn kaart. Het is een stuk op mijn kaart dat nu nog leeg is, waar ik de weg nog niet weet, waar ik nog niemand ken, en waar ik mijzelf nog niet ken.
Volgend jaar is mijn kaart weer een stukje groter, en mooier, en interessanter.