woensdag 19 mei 2021

Gekopieerd

 "Die? Daar kun je er wel 40 van in de klas hebben!" 

Als een leerkracht dat zegt over je kind weet je dat het op school altijd rustig is. Nooit brutaal, nooit ruzie, altijd braaf, hard werkend en goed oplettend. De werkelijkheid ligt trouwens wel een beetje anders. Het zou knap saai worden als je 40 dezelfde rustige, hard werkende, brave, beleefde kinderen in de klas had. Een heel stel van dat soort kinderen, maar dan wel graag allemaal verschillend, prima, maar een paar druktemakers erbij is wel zo prettig. Een beetje leven in de brouwerij kan geen kwaad. Originele ideeën, maffe plannen (elkaar schminken met modder...."dat vegen we er zo wel weer af hoor juf") en wat gekkigheid hier en daar, dat houdt je alert en vrolijk. Zo nu en dan wat p-woorden tussendoor, en dan gaat het niet over pannenkoeken en patat, en de dag is compleet.

De dag is fijn vandaag. De drukste rouwdouwers houden zich een beetje in en de wat schuchtere guppies komen ook tot hun recht. Er wordt spontaan geholpen met bekers en ritsen, het zingen klinkt enthousiast (een BEER ontsnapt? Ja een beer ontsnapt!) en als ik aankondig dat we het buitenspelen zullen beginnen met opruimen van het speelgoed, omdat er een grote bui aankomt, wordt er niet gemopperd, maar snel en bijna efficiënt geholpen om alles vlot in de schuren te krijgen.

Stoere minidruktemaker komt bij me met twee kopjes die hij buiten op de picknicktafels heeft gevonden. Hij praat gewoontegetrouw in uitroeptekens. Dat komt wat dwingend over, maar zo is het niet per se bedoeld.
"Juf! Van wie zijn deze kopjes!" 
"De ene is van mij en de andere van iemand anders." 
"Van wie dan!" 
"Dat weet ik niet, dat staat er niet bij. Maar weet je wat? Jij mag ze allebei naar binnen brengen en in het keukentje zetten."
"Dan moet er wel iemand mee!"
"Oké, kies maar iemand die met je mee mag lopen."
Kleine minidruktemaker kijkt het plein rond. Hij meet zijn stoerheid en druktemakerschap graag af aan de grotere druktemakers. Maar als je een beetje ondersteuning nodig hebt, is dat misschien niet de meest veilige keus. Een eindje verderop loopt het verlegenste meisje van de klas. Nog niet zo lang op school, doet nog niet met alle spelletjes mee, maar kijkt zachtjes genietend vanaf de zijlijn tot ze wel durft. Dansen durft ze wel, vooral als je niet teveel naar haar kijkt. 
"Verlegenste meisje! Ga je met mij mee de kopjes naar de keuken brengen!"
Verlegen meisje twijfelt -durft ze dit? Met een echte druktemaker?-,  glimlacht en loopt mee naar binnen. Samen durven ze wel. Even later komen ze samen weer naar buiten. Er is ijs gebroken en vriendschap gesloten. In ieder geval voor dit moment. Want als je samen kopjes naar de keuken kunt brengen, kun je ook samen hinkelen.

Het geldt ook voor juffen trouwens. Van sommige kun je er nooit genoeg hebben. 
"Waar is juf Marja eigenlijk?"
"Wie is juf Marja?.... Oooo... die ene juf die met die groepjes...  Ja! Waar is juf Marja eigenlijk?" 

Ja, die juf. Juf Marja is die juf die met kleine groepjes spelletjes doet. Spelletjes waar je heel veel van kunt leren, maar die ook vooral heel leuk zijn. En gezellig. Er is geen kind dat moeilijk doet als juf Marja binnenkomt, behalve dan als het deze keer niet op haar lijstje staat.
Juf Marja is geopereerd aan haar heup en is daarom een poosje niet op school. Ik laat zien waar je heup zit, en leg uit dat de operatie goed gelukt is, en dat het goed gaat met juf Marja, maar dan ze nog niet kan werken. Wel jammer. Want we zijn allemaal dol op juf Marja en we kunnen haar eigenlijk niet zo goed missen. Daar kun je er ook wel 40 van in de klas hebben. Nou ja, eentje extra zou al heel handig zijn!
Het gesprek gaat verder over andere onderwerpen, zoals nieuwe keepershandschoenen en wie er in de bouwhoek mag. 
Er gaat een vinger omhoog.  Iemand was nog niet klaar met denken.

"Maar wat betekent dat dan?"
"Wat bedoel je ? Wat betekent wat?"
"Dat juf Marja gekopieerd is?"

donderdag 6 mei 2021

De jeugd van tegenwoordig

"Hoe laat is het ontbijt?" 

Het ontbijt is om kwart voor 8, en dat is vroeg voor een puber in de vakantie. "Oké, ik zet mijn wekker op 20 voor 7!"  Om kwart voor 8 zit het hele stel aangekleed aan het ontbijt. Niet alleen de 4 meiden waar ik met nog een begeleider mijn kamer mee deel, waarover ze overigens niet hebben geklaagd. Ze hadden misschien best zonder volwassene op de kamer willen slapen, maar ja, de begeleidende ouders kun je ook moeilijk in de gang leggen. Alle 34 kinderen en jongeren, variërend van 7 tot 22 jaar, zitten om kwart voor 8 aan het ontbijt om op tijd op de fiets te zitten. Op tijd op de fiets om op tijd in de kerk te zijn, om op tijd te stemmen en op tijd te beginnen met repeteren. 

Ik ben op stap met de jeugd van tegenwoordig. Mijn jeugd van tegenwoordig is niet een stel respectloze vervuilende, brutale nietsnutten. Mijn jeugd van tegenwoordig bestaat uit de leden van de orkesten van mijn kinderen. Gemotiveerd, gedisciplineerd, humorvol, zorgzaam en respectvol. De leiding is in handen van mijn vriendin, die muziek belangrijk vindt, maar goed met elkaar omgaan nog veel belangrijker. Deze zienswijze mist zijn uitwerking niet.

Het zijn heerlijke dagen. Voor zowel de meeste kinderen als voor mij en de andere begeleidende ouders is het de eerste keer sinds lang dat we weer weggaan. Echt weg. Een paar dagen in een Stayokay aan de andere kant van het land, die vroeger, toen ik er als jeugd van een andere tegenwoordig sliep, nog jeugdherberg heette. Geen grote tournee naar het buitenland, geen festival met andere jeugdorkesten, maar gewoon naar een andere plek in het land om te repeteren. En om samen te zijn, lol te hebben, dat ook. We beseffen hoe bijzonder het is. 

Wij begeleidende ouders kijken elkaar soms even aan, vol verbazing over dit bijzondere stel gewone kinderen. We zien groot en klein door elkaar muziek maken, lol hebben en voor elkaar zorgen. 

We zien hoe een van de bemoeimeisjes (een eretitel binnen de orkesten) in de gaten houdt of een net beginnend cellistje de muziek bij kan benen. Haar stok verandert van cellostrijkstok in aanwijsstok en weer terug. Een ander bemoeimeisje duwt even tegen de elleboog van een uit de bocht gevlogen miniviolistje, zodat die weer de goede kant op strijkt. 

Pas-nieuw-celliste heeft haar moeder bij zich. Dat leek een veilig idee, want zo'n eerste keer is best spannend. We zien hoe Pas-nieuw-celliste zich ongekend zeker door de groep beweegt. Ze heeft haar moeder alleen nodig om gevonden schelpen aan te laten zien en verder met rode wangen en stralende ogen voorbij te lopen. 

We zien hoe wat oudere meiden voor het fietsen controleren of iedereen wel een fietsmaatje heeft. "Naast wie fiets jij?" Niemand fietst alleen, en al helemaal niet de kleintjes. 

We zien hoe Joehoe-hier-ben-ik-violist in de paar dagen weg verandert in Wow-ik-hoor-erbij-violist, en hoe Kat-uit-de-boom-violiste langzaam transformeert tot Rustig-midden-in-de-groep-violiste.


We zien hoe voor de heenweg de bus met slingers wordt versierd door 3 meiden omdat een van de anderen jarig is. Kun je best stoere prepuber zijn, maar slingers zijn altijd leuk. Daar willen we best extra vroeg voor opstaan.

We zien hoe in de pauze wordt gerelaxt, lekkers wordt gedeeld, schouders worden gemasseerd en door wordt gespeeld, op het eigen instrument of dat van een ander. Violiste-op-cello en celliste-op-viool, en violist-van-10 neemt de leiding. Gelijkwaardig en met respect en bewondering voor elkaar.

We zien op het strand hoe groot en klein samen pootje baadt, golven ontwijkt, een gooiding overgooit, uitwaait en vliegert, en hoe een groep grote meiden in een kringetje staat en een klein grietje naar binnen haalt om haar te beschermen tegen de felle wind. 

We zien hoe Lange-lummel-cellist even meeloopt met Kleine droomviolist, waarvan de benen elkaar nog niet zo goed kennen dat hij met de groep mee kan dansen zonder telkens om te kukelen. Even bijkomen, en dan: Kom, we gaan weer meedoen, in de wetenschap dat hij wel weer opgeraapt wordt als het nodig is.

En dan is het 4 mei. Samen lopen we naar het strand. Als het bijna 8 uur is gaan we in een grote kring staan. Een van de ouders is trompettist en heeft zijn trompet meegenomen. Over het strand klinken de heldere tonen van de taptoe. En dan horen we twee minuten lang alleen nog maar wind en golven. Daarna weer de trompet, en een gedicht, voorgelezen door een paar orkestleden. Indrukwekkend, onvergetelijk herdenken. 

De volgende ochtend hebben we nog het fotospel. In groepjes van 5 of 6 kinderen worden de verschillende opdrachten zo creatief mogelijk uitgevoerd: Ergens op, ergens onder, een selfie met een dier (en warempel: een oplettend groepje vindt een schildpad!), een poppetje van natuurvondsten, zoek de 5 verschillen... vol enthousiasme stort iedereen zich op het spel. Er valt niks te winnen, de beloning is een schatkist vol plezier.

De terugreis verloopt voorspoedig en iedereen wordt weer veilig bij zijn ouders afgeleverd door onze buschauffeur, die ons al een aantal jaren vakkundig rijdt. Ook voor hem is het weerzien een feest. "De volgende keer blijf ik weer overnachten hoor, nu heb ik jullie helemaal niet horen spelen!"

Wat ben ik dankbaar, intens dankbaar, dat mijn kinderen deel mogen uitmaken van deze groep, onder deze leiding. Dat ik er zelfs in mee mag delen, me er mee mag bemoeien, me er in mag onderdompelen. De jeugd van tegenwoordig, die gaat de wereld redden, met liefde, met respect, met motivatie, met plezier. 

En met muziek.


woensdag 28 april 2021

Bwam

Hij vond 't een stom boek. En ik mocht het niet voorlezen. Wel de De gele taxi, wel Kleine bever en de echo, en zeker De grote rode bus, zo vaak mogelijk, maar niet Pietertje Pet. Pietertje Pet is stom.

Elk jaar met Kinderboekenweek kregen onze kinderen een boek, een gewoonte die ik had overgenomen van onze buren van vroeger. Mijn buurmeisjes en buurjongetje gingen elk jaar in de Kinderboekenweek met hun ouders naar de boekenwinkel, en dan kregen ze elk een boek. Niet zomaar een boek, maar een ECHT MOOI boek. Ik haalde elke week nieuwe boeken bij de bieb, leesvoer genoeg, maar mijn boekenkast met eigen bezit was voornamelijk gevuld met Floortje Bellefleur en de Olijke tweeling. 

Mijn kinderen kregen ook een ECHT MOOI boek met Kinderboekenweek, van baby af aan. En we hadden gekozen voor Pietertje Pet, maar Pietertje Pet was een vergissing. Een guitig ventje met een petje, op het eerste gezicht niks mis mee, maar in elk verhaaltje op rijm deed hij iets stouts of iets doms. En dan eindigde het eerste couplet van het rijmpje met "Pietertje, zo gaat dat niet!" Veel te spannend voor mijn gevoelige peutermannetje. Stout? Hu, eng! 

Ook wat op tv getoond werd werd door hem grondig gekeurd. De Tweenies? Te spannend, want die doen soms stout.  Teletubbies? Oke, tot Noonoo in beeld is. Noonoo de stofzuiger had namelijk ooit de kerstversiering opgevreten en was daarmee voorgoed uit de gratie geraakt, ook al had 'ie ze daarna weer uitgespuugd en meteen magisch opgehangen. Fifi en haar bloemenvriendjes? Doodeng!

Dankbaar keek hij tot ruim halverwege de basisschool mee met de peuter- en kleuterprogramma's waar zijn kleine zusje naar keek. Niet te spannend, niet te eng, precies goed voor een peuter en haar gevoelige grote broer.  Grote zus had pech. Matilda en Assepoester mochten pas opgezet worden als hij bij een vriendje was, en anders ging hij boven spelen. Hij kon het niet bolwerken.

In mijn kleutergroep zie ik hetzelfde gebeuren. Als we fruit eten kijken we vaak een filmpje. Wat voor de een te spannend is, is voor de ander geweldig. Wat voor de ander saai is, is voor de derde op het randje. Maar nu hebben we Brum ontdekt. Brum is een klein heldhaftig oldtimertje dat door de straten van Birmingham crost en daar allerlei heldendaden verricht. Hij redt een katje dat op de wijzer van een kerkklok zit, hij zorgt dat de dieven van de halsband met diamanten van een deftig hondje gepakt worden en hij redt de stad als een domme meneer een enorme ballon helemaal vol heeft laten lopen met slagroom in plaats van lucht. Net op tijd het riool in, deksel d'r op, Brum erop en pfiew, niet de hele stad onder de slagroom, maar slechts een kleine plof onder de grond. Wat een held.

En IEDEREEN vindt Brum leuk! Van de grootste stoere bijna-geen-kleuter-meer tot de net-peuter-af die nog maar pas komt kijken. Spannend, maar net niet te eng, en reuzegrappig, en als het even te veel wordt, roepen we gewoon even dat Brum het wel oplost, en warempel: dat gebeurt ook! Net als mijn nu al bijna volwassen zoon, die Brum als peuter ook in zijn hart sloot, kijken we met veel plezier naar Brum. 

En... het is nog leerzaam ook! Terwijl we naar onze gemotoriseerde gele vriend kijken, komt lief kwebbelmeiske bij me staan, hoofd een beetje schuin, ogen op standje serieus. "Juf, blonde krullenkleuter en ik kennen al een beetje Engels! Want dan horen we Bwam en dan weten wij dat dat Brum is!"