woensdag 8 juni 2022

Wasknijpers - 10 concerten in 4 dagen

“Ooooh! Thee, heerlijk!”

Ik knipper met mijn ogen en weg zijn de 9 kopjes warme earl grey die ik naar buiten draag om uit te delen aan de orkestleden. Ik kan al op de drempel omdraaien en terug gaan voor de volgende lading. Er waren ijsjes geregeld, dat wist ik, maar aan de organisatie had ik gevraagd of die konden worden ingeruild voor kopjes thee. Na het eerste concert bij de Wildenborch in een grote open tent waren de
handen bevroren en de lijven verkleumd, Iets warms zou er wel ingaan dacht ik. In het kleine keukentje werd een waterkoker opgezet en snel werd er wat geregeld.

Ruim 40 kinderen en pubers (en ietsje ouder), innig dankbaar met een kopje thee om hun handen en hun lijf te warmen. Het is eigenlijk heel typerend hoe ik het hele weekend heb ervaren. 4 dagen op pad met deze heerlijke groep gezellige, muzikale, beleefde, hulpvaardige en humoristische jonge mensen. En ze kunnen nog plannen ook; elke ochtend zitten ze stipt op de afgesproken tijd in de bus om te vertrekken naar een locatie ergens in onze mooie provincie. Pubers die er totaal geen probleem van maken dat we niet naar het beoogde Frankijk gaan, maar overnachten in schamele hutjes in Vierhouten en met de bus, met onze ‘eigen’ vertrouwde buschauffeur Wim, de provinciegrenzen (bijna) niet over gaan. Het is geen straf, het is een cadeautje.

Het is nogal wat, 10 concerten in 4 dagen. We spelen in het AZC van Harderwijk, voor Oekraïense vluchtelingen in Harskamp, waar we dankbare knuffels ontvangen van het publiek, in een parkje en in en bij kastelen. Overal anders, overal leuk. Ik zeg dat zo, “we spelen” maar ik speel natuurlijk niet. Ik zet lessenaars neer, ik reik aan wat nodig is (“Yvonne, heb je nog wasknijpers?), maak foto’s en vooral, ik geniet. Samen met de andere begeleidende ouders geniet ik van de muziek, de kinderen, Petra, het publiek.

Bij het ene kasteel spelen we in de trouwzaal, bij het andere op een vlonder boven het water. Hier zijn de wasknijpers echt essentieel, voor je het weet ligt je muziek in de plomp. Ook op het bordes van Huis Verwolde zijn we blij dat we zoveel wasknijpers mee hebben, al is het daar niet helemaal afdoende. Een lessenaar waait om en dan vliegt er toch een boekje met een sierlijke boog over de rand de tuin in. De eigenaar speelt fanatiek uit zijn hoofd door tot hij het boekje weer op zijn lessenaar heeft staan. Geconcentreerd speelt hij verder uit zijn muziek, om even later met een grote grijns het applaus in ontvangst te nemen.

Het valt niet alleen ons op hoe leuk onze groep is. Ook de mevrouw die ons een rondleiding geeft door kasteel Doorwerth, een privérondleiding voor openingstijd, zegt dat ze nog nooit zo’n goed opgevoede en geïnteresseerde groep kinderen heeft meegemaakt. En dat ze nog nooit zoveel applaus op een dag heeft ontvangen, maar da’s geen wonder, ze geeft anders nooit rondleidingen.

Ook de avonden zijn heerlijk. Er wordt gezwommen, we maken een kampvuur, zingen en houden de eerste bonte avond in de geschiedenis van Arcato. Dat gaat dan ongeveer zo:

19.44: Het regent, laten we een bonte avond houden.

19.45: Jongens, over een half uur begint de bonte avond!

20.13: appje: bonte avond begint stipt 20.15!

20.26: appje: waar is de stipt?

20.30: avondvullend programma tot half 11. Met dans, zang (als je je instrument niet hebt, dan zing je gewoon A Hero’s journey met zijn zessen),  trompetspel, goocheltrucs en moppen. Hilariteit, ontroering, enthousiasme en gezelligheid. En chocola., veel chocola. En wie er ook op het podium staat, er is applaus en gejuich. Een traditie is geboren.

In de stromende regen pakken we de spullen uit de bus weer over in de auto’s die ons op komen halen. Afgepeigerd, op apegapen en gevloerd, maar intens dankbaar terugkijkend op een heerlijk  pinksterweekend. Mijn kinderen hebben mij al lang niet meer nodig op zo’n weekend. Maar zodra de data van volgend jaar bekend zijn hou ik ze vrij in mijn agenda. Want als het even kan zit ik dan weer voor in de bus, naast buschauffeur Wim, die ook een groot kruis in zijn agenda zet.


donderdag 19 mei 2022

Schoorsteen

"Hier slapen papa en mama, en daar, maar dan aan de andere kant slaap ik. En mijn zus heeft een stapelbed."
Wow, een stapelbed. Een stapelbed is een waar statussymbool voor een kleuter. Het woord wordt keer op keer met het nodige respect uitgesproken.

We kijken naar een foto van het huis van blonde vrolijkerd. Een hoekhuis. Misschien een twee-onder-een-kap, dat kun je niet zien, want het huis van de buren staan er maar half op. We zien zonnepanelen. Waar zijn die voor? "Nou.. die zijn voor... dan heb je... nou... die ehm.., die maken stroom en dan kunnen de lampen heel goed branden. Maar die zijn van de buren." Ja, bij blonde vrolijkerd zelf zit een dakkapel op het dak, daar passen geen zonnepanelen. "Ik hang hem straks bij de andere huizen." Blonde vrolijkerd knikt en gaat weer op zijn plekje in de kring zitten.

We werken over huizen en wonen deze weken. We bouwen huizen van Lego en Knexx, van de blokken in de bouwhoek, we maken een huis op de kralenplank en we tekenen ons huis achter een muurtje van gestempelde bakstenen. 

We leren ook woorden over huizen. De bungalow bijvoorbeeld, de zolder en het plafond. En de flat. Dan heb je heel veel huizen op elkaar. Nee, naast elkaar. Nee, allebei. En je hebt ook een heel lang balkon en daar zitten alle voordeuren. Eigenlijk is het een soort stapelhuis. 

Vorige week was ons woord van de dag de verdieping. Gelukkig hebben we een school met verdiepingen. Onze klas is op de begane grond. "Als we heel stil zijn, kunnen we wel even naar de verdiepingen van onze school gaan kijken." We gaan op bezoek in groep 3. Voor een aantal kinderen zal dat volgend jaar hun klas zijn. Spannend hoor, om even in de klas te kijken. Groep 3 is op de eerste verdieping, net als groep 4 en 5 en 6. Maar er is nog een trap, en dan kom je bij de tweede verdieping. Op de tweede verdieping ben je eigenlijk al op de zolder, direct onder het dak. De kinderen van groep 7 kijken vertederd naar dit kleine, onverwachte bezoek. Ooit waren ze ook zo klein, bijna in een vorig leven. 

Vanaf de eerste verdieping kijken we nog even naar ons eigen kleuterplein en dan zitten we weer op de begane grond in onze eigen klas. Wat een avontuur op de vroege ochtend!

Vandaag maken we de woordparaplu met verschillende onderdelen van het huis. Een huis heeft muren, en deuren, want anders kun je er niet in. En als je bij de voordeur van iemand anders naar binnen moet, dan moet je aanbellen bij de deurbel. We doen even een rondje "hoe klinkt je deurbel?" "Tring" "Dingdong" "Zzzzz"  

We hebben ook allemaal een dak op ons huis. Gelukkig maar, anders worden we nat als het regent. "Nee, hoor, niet als je beneden slaapt!" Aan het dak hangt de dakgoot, dat woord kenden we ook nog niet. En bovenop.. wat staat er bovenop?  "Een schoorsteen!" "Heel goed, de schoorsteen. Waar is die eigenlijk voor" 

Dat weet donker guitje wel. "Nou, dat is voor... dan kan de kerstman naar binnen!" 
"Hm... Maar daar is hij eigenlijk niet voor gemaakt/ Wie weet waar de schoorsteen echt voor gemaakt is?" 
"Voor de Pieten! Daar kunnen de Pieten de pakjes door naar binnen gooien en ze kunnen er zelf ook
door!" 
"Nee hoor! Pieten bestaan niet!" Serieus ikweethetzekermeisje kijkt heel overtuigd. "Welwaar!" roepen de kinderen om haar heen. Maar ikweethetzekermeisje schudt woest met haar hoofd. "Nietes!" 

"Ikweethetzekermeisje, wil je even bij me komen?" Vriendelijk maar onverbiddelijk kijk ik haar aan. Een beetje onwillig komt ze naar me toe. Ik fluister in haar oor, heel zachtjes "Dat weet jij en dat weet ik, maar het is wel een geheimpje." Ze blijft nog even in de maarikhebgelijk-stand staan. "Je hebt ook gelijk, maar de meeste andere kinderen weten dat niet. Zullen wij samen dat geheimpje bewaren?" Ik zet mijn allermooiste glimogen op. Want hoe leuk is het niet om samen een geheimpje te hebben... Gelukkig, de ogen van ikweethetzekermeisje gaan ook glimmen. Ja, wij samen, wij weten wel beter. Als ze op haar plek zit, knipogen we nog even glunderend naar elkaar. We weten wel beter, maar we verklappen niks, wij samen. 





woensdag 20 april 2022

Allebei precies evenveel

 "Voor wie denken jullie dat die ene kruk in de kring is?"

Nieuwsgierig kijken de leerlingen juf Anne aan. Ze hebben geen idee/ "Voor de juf die vanmiddag komt helpen?" Nee, die hoeft nu nog niet in de kring te zitten, die heeft nog geen kruk nodig. 

"Ik weet het! Voor de koning!" Dat zou leuk zijn natuurlijk, voor de koning. Die is bijna jarig en die willen ze best vertellen dat we ter ere van zijn verjaardag koningsspelen hebben, komende vrijdag. Maar nee, de koning komt ook niet. Wel jammer. 

Ik sta in de deuropening van mijn buurklas. Anne is mijn buurcollega, de juf van mijn buurkleuters, de beren. Ze beseft dat het geen zin heeft de kinderen nog langer te laten raden en zegt: "Ik ga het jullie gewoon verklappen. Deze kruk is voor...... Juf Yvonne!" Met een weids gebaar word ik uitgenodigd op de kruk te komen zitten en dat doe ik graag. 


Vandaag hebben we 'collegiale consultatie.' Dat klinkt nogal heftig, maar eigenlijk komen we gewoon bij elkaar op bezoek in de klas, en dat is reuzegezellig. Mijn eigen klas is in de veilige handen van een collega en ik ben even heerlijk te gast bij de buurjuf. Ik maak mee hoe zij de dag begint, welke werkvormen ze inzet en hoe ze met de kinderen namen en lentewoorden in stukjes springt in hoepels. "Welk kind ga jij in stukjes hakken?" ... gniffel van het bezoek...  "Van welk kind ga jij de NAAM in stukjes hakken?" Ik zie betrokken en alerte kinderen, en een juf van wie ik nog veel kan leren. Zoveel fijne kneepjes die zij als echte kleuterjuf in haar repertoire heeft. Een cadeautje, dit halve uurtje bij mijn buurkleuters.

Later op de ochtend wordt het bezoek omgedraaid. Ik heb een rekenles klaargelegd voor groep 2. Mijn kleintjes van groep 1 mogen even lekker wat langer blijven buitenspelen met de buurjuf van de andere kant. Op de grond liggen cirkels met getallen. Ik heb twee klompen. Die leg ik bij het cijfer 2. Ik heb ook vier eieren. Die komen bij de 4. Ah, ze hebben het trucje door. De 7 stukjes van de puzzelkubus moeten bij de 7, logisch.

Maar de getallen liggen niet op volgorde, dat is wel onhandig, dan moeten we telkens zo zoeken. Eerst leggen de kinderen de getallen op de goede volgorde. Ligt het nu goed? Nee, de 9 en de 10 moeten nog omgedraaid. Mijn kleine stille katuitdeboomkleuter durft misschien niet zoveel te zeggen, maar die 9 en die 10, die draait ze zwijgend met een grote glimlach om. Nu klopt het wel. 

En nu gaan we het spelletje dat ik zojuist voordeed zelf doen. "Pak jij het getal 1 maar eens, en jij het getal 2... " De hoge getallen doen we met twee kinderen, da's wel handig. En nu mag je in de klas precies zoveel dingen gaan zoeken als op je kaartje staat. Dan leg je het neer  bij het getal en ga je weer zitten. Een moeilijke opdracht. Je moet weten welk getal je hebt, hoeveel spullen daarbij horen, en ook nog waar het dan ook al weer moet liggen. 

Even later hebben we 1 puzzel ("Maar dat zijn wel heel veel stukjes!" "Ja, heel veel stukjes, maar 1 puzzel, dus het is wel goed") 2 cirkels, 3 knuffels, en daarnaast 4 knuffels, 5 puzzelstukjes, 2 wortels, een courgette, een tomaat, een aubergine en een blaadje sla.... 6 stukken groente... 

Tevreden kijk ik rond, maar dan schrik ik. "Jongens, ik heb me vergist! Ik heb het kaartje van de 0 aan niemand gegeven, die is nog leeg!" "O, dat doe ik wel even juf!" Donker guitje en blond pretoogje springen allebei op om me even uit de brand te helpen. "Nee, maar dat hoeft ook niet!" roept groot brokje enthousiasme. Opgelucht (er is een groot acteur in mij verloren gegaan) zie ik dat hij gelijk heeft. "Ach, je hebt gelijk! 0 is niks, dus daar hoeft niks te liggen!" Triomfantelijk kijkt groot brokje enthousiasme me aan. Heeft hij dat eens even mooi opgelost!

Bij de tien liggen 10 kralen van de kralenplank, bijeengebracht door twee kinderen. "Kunnen jullie allebei precies evenveel terugleggen?" Ze denken even na. Ja, dat kan. Met elk 5 kralen lopen ze naar de kast. Bij de 11 liggen ook kralen. Da's slim, bij zulke grote hoeveelheden moet je geen knuffels nemen, dat past niet. 

"Kunnen jullie ook allebei precies evenveel terugleggen?" Ze verdelen de kralen.... Hm... de een heeft er 6 en de ander 5.... Nee, dat kan niet, allebei evenveel.... "Jawel hoor, roept grote krullenbol, dan moeten ze er eentje samen wegbrengen!" En ja hoor, zo lukt het, eerlijk verdeeld: Elk 5 en eentje samen. Da's 11.

Ook het bezoek van buurjuf Anne aan mijn groep voelt als cadeautje. Wat hebben we toch een mooi beroep en wat is het leuk om dat samen te delen.