zondag 10 september 2017

Mijn zachte verdriet

Wat gek eigenlijk, dat je kunt gaan houden van je verdriet...
Mijn verdriet vandaag, 39 jaar nadat mijn moeder overleed, zij 31, ik 5, mijn verdriet is zacht, en mild, en mooi, en liefdevol. Zonder drama, zonder opsmuk.
Verdriet dat geen behoefte heeft aan troost, alleen maar aan erkenning, het meest nog van mezelf.
Het is er, en het zal er altijd zijn, als deel van mij, als een van de bronnen van wie ik ben.



zaterdag 19 augustus 2017

Dat ene kind

"Je hebt ze eigenlijk allemaal wel, van die kinderen die je net wat meer bijblijven. Zo'n kind waar je later aan terugdenkt, je afvragend hoe het daarmee is. Zo'n kind dat je extra raakt, omdat er iets bijzonders mee was, waar je een verhaal van hebt. Vertel elkaar dat verhaal, en kijk of je elkaars en je eigen drijfveren er uit naar boven kunt krijgen"
Wat een mooie opdracht voor de eerste studieochtend van het jaar....

Ze zat op een te grote stoel met haar kleine lijf. Een blonde kleuter. naar beneden kijkend naar haar bungelende benen. Ze zat er wel vaker, in de koffiekamer, even af te koelen.
"Hoi, waarom zit jij hier?" vroeg ik.
Ze bleef naar beneden kijken, en mompelde: "Dat moest van juf. Ik had iemand geslagen"
Serieus keek ik naar haar. "Oei, dat is niet de bedoeling. Je weet dat dat ook niet mag in groep 3 als je bij mij komt hè?" Schuldbewust knikte ze. Ja, dat wist ze wel. Ze wist immers ook wel dat het in groep 2 niet mocht, maar soms overkwam het haar. Door wat er gebeurd was miste ze natuurlijke remmingen. Haar hersenen hielden haar niet tegen. Als ze boos was, ging ze door het lint. Als ze verdrietig was, verging de wereld. Daar stond tegenover, dat ze als ze blij was stuiterde, sprong en straalde, als je haar enthousiast wist te krijgen - wat, zoals ik later merkte, meestal niet tijdens de rekenles was - zat ze op het puntje van haar stoel, of stond ze ervoor, en kwam ze met de beste ideeën, en als ze jarig was, dan zong de de aarde waar ze op liep Lang  zal ze leven.

Eenmaal in groep 3 ging het regelmatig mis. Ze ontplofte, deed dingen die niet door de beugel konden, schriften werden in boze buien bekrast, klasgenoten gemept. Maar vaker ging het goed. High five, aai over je bol, knipoog. De lijntjes met haar pleeggezin waren kort, de gesprekken prettig en gelijkwaardig. Samen zochten we naar de goede weg.

Dolblij waren zij en haar klasgenootjes met onze uitnodiging. Wat een geluk, als je juf gaat trouwen, net als jij bij haar in de klas zit! Dan mag je komen, de juf in haar mooie jurk zien, voor haar en haar kersverse man zingen in je feestelijkste kleren.
Maar er kwam een kink in de kabel. Ik vertelde het in de klas.
"Lieve kinderen, luister. Jullie hebben allemaal een uitnodiging voor onze trouwdag gekregen. We gaan wel trouwen, maar niet nu. Dicks moeder is heel erg ziek, en we weten niet of ze weer beter wordt. Ze is nu in het ziekenhuis, en als we nu gaan trouwen, dan weten we zeker dat ze er niet bij kan zijn. Als ze beter wordt, is ze nog niet beter genoeg om erbij te zijn, en als ze niet beter wordt, dan zijn we te verdrietig om feest te vieren.
We gaan later trouwen, maar jullie mogen nog steeds komen, ook al zit je dan niet meer bij mij in de klas."

De volgende dag stond er een klein meisje naast mijn bureau. Een meisje met een boek. Ze gaf het aan mij en zei: "Ja, juf, ik dacht... als Dicks moeder nou zo ziek is, dan
is hij vast veel bij zijn moeder in het ziekenhuis. Jij mag dit boek van me lenen, want dan heb je toch nog een Dik bij je."
Dit meisje, dit kind waar we met zijn allen zoveel mee te stellen hadden, gaf me haar nieuwe boek van Dik Trom. Als ze boos was ontplofte ze, als ze verdrietig was verging de wereld. Maar als ze lief was, dan ging ze regelrecht naar binnen, naar het warmste plekje van mijn hart, waar ze nu, na 17 jaar, nog steeds zit.

En onze bruiloft, die is gevierd, mét mijn schoonmoeder, en met twéé groepen kinderen die ons toezongen,
in hun feestelijkste kleren.

woensdag 5 juli 2017

Ramen lappen op oma's manier

Splatsj! Splatsj! Huh? Haha!

Die Huh?, dat was mijn dochter, de Haha! daarna van mijn zoon.
De Splatsj! Splatsj!... da's een bijzonder verhaal. Dat was namelijk van mijn oma. Met terugwerkende kracht, dat wel.

Mijn oma was een tof mens. We waren veel bij haar, ze was de basis van ons tweede thuis. Zonder moeder en met een vader die gewoon moest werken als mijn broer en ik vakantie hadden, moesten we toch ergens heen, en waar beter heen dan naar Loppersum, waar mijn opa en oma woonden, en waar wij het ontzettend naar de zin hadden?
Met oma deed ik spelletjes aan tafel (flenzen, jokeren, memory, dobbelen... maar geen monopoly. "Dat ken ik niet" "Dan leren we het je toch?" "Nee, want als ik het ken moet ik het ook doen, en daar heb ik geen zin in")
Oma was ook niet te beroerd om al een computerspelletje uit te proberen toen wij bij ons thuis lang voor de pc bestond al een prehistorische spelcomputer hadden. Na mijn vaders eerste borrel versloeg ze hem met gemak.
Oma maakte pannekoeken (toen nog zonder tussen-n) van de door ons verzamelde tarwe, poffert (Groningser wordt het niet) en de volgende dag nog een keer poffert, maar dan opgebakken.
Met oma ging ik naar "Stad", om kleren te kopen, en met oma at ik daar een ijsje bij de Talamini. "Hoeveel bolletjes?" "O, doe maar 5!" "Ehm... okeeee.... welke smaken wil je?" "ALLEMAAL boerenjongens!" Wat een lol hadden we samen om deze heerlijke uitspatting!

En terwijl wij daar waren, ging het gewone leven gewoon door. We deden boodschappen, ze waste onze kleren, hield het huis schoon en af en toe hoorden we Splatsj! Splatsj!
Dan gingen we voor het raam staan, want oma ging de ramen lappen. Dat deed ze met behulp van de "slaif", de soeplepel. Met de slaif splatsjte ze het water tegen het raam, en daarna pas ging ze lappen. Als je voor het raam stond, leek het elke keer net of je een plens water in je gezicht kreeg. Hilariteit!

Ik heb de ramen gelapt, a la oma, met de slaif. Of het daar nou zoveel makkelijker of beter van ging, dat weet ik niet. Maar het was wel leuk, en ze zijn schoon. Ik geloof dat ik oma's manier er maar inhoud.